In een reeks columns delen vloggers Romy & Steef hun praktijkervaringen als train(st)er. Deze keer: Romy over de lessen die we kunnen halen uit Athlete A, een documentaire die gaat over het grootste misbruikschandaal binnen de (turn)sportwereld.

Beluister de column hier:


Of lees de column hier:

Athlete A, de Netflix-documentaire waar je niet meer omheen kan, gaat over het grootste misbruikschandaal binnen de (turn)sportwereld. Een sportarts, die uiteindelijk veroordeeld is voor 300 jaar gevangenisstraf, kon jaren z’n gang gaan en misbruikte meer dan 500 meisjes en vrouwen. Soms zelfs terwijl de onwetende ouders in dezelfde ruimte waren. ‘Athlete A’ staat voor de eerste anonieme melder die haar verhaal deed. De USA Gymnastics (Amerikaanse Turnbond) faalde enorm in het nemen van actie. Zij zouden aangifte doen, zodat het slachtoffer dit niet zelf hoefde te doen. Die aangifte is nooit gedaan. Sterker: USA Gymnastics stopte het in de doofpot en het slachtoffer werd uit het Olympisch team gezet.

Door zich uit te spreken over het seksueel grensoverschrijdende gedrag van haar sportarts zorgde ‘Athlete A’ voor meer bewustzijn rondom dit onderwerp. Daardoor durfden honderden meisjes hun verhaal te doen. Aandacht voor seksueel grensoverschrijdend gedrag is belangrijk, want onwetendheid zorgt ervoor dat signalen niet of te laat gezien worden en plegers hun gang kunnen gaan. Onder seksueel grensoverschrijdend gedrag valt niet alleen aanranding of verkrachting, maar alles wat over iemand zijn/haar grens heen gaat. Dit kunnen ook ‘subtiele’ aanrakingen of opmerkingen zijn, die door de ander als ongewenst worden ervaren.

Awareness

In mijn column staat de ‘A’ voor ‘Awareness’. Awareness betekent bewustzijn. Misbruik beperkt zich namelijk niet tot Amerika, de turnwereld en/of de topsport. Dit gebeurt ook bij breedtesportverenigingen in Nederland. Hoe ziet dit er hier uit, wat zijn risicofactoren en hoe kan jij als bestuurder, trainer of ouder de kans op seksueel grensoverschrijdend gedrag zo klein mogelijk maken? In deze column beantwoord ik deze vragen.

Misbruikschandalen

De laatste jaren hoor je steeds meer over seksuele intimidatie en misbruik, ook in de sport. Niet alleen Athlete A maakt misbruik binnen de sport pijnlijk zichtbaar. Uit het onderzoek van Commissie De Vries naar seksuele intimidatie en misbruik binnen de sport in Nederland blijkt dat één op de acht sporters te maken krijgt met seksueel grensoverschrijdend gedrag. Meer dan de helft daarvan is minderjarig.

Choqueren

Seksueel grensoverschrijdend gedrag gebeurt dus vaak. Te vaak. In contact met de verenigingen merk ik dat de cijfers hen choqueren. Ze hebben geen idee dat het zo vaak voorkomt en dat de kans op misbruik binnen de sport (te) groot is. Sinds ik als pedagoog op de verenigingen kom en mij meer in dit onderwerp verdiep, zie ik de risicofactoren die bij elke sportvereniging aanwezig zijn: afhankelijkheid, machtsverschillen en kwetsbare groepen. 

In contact met de verenigingen merk ik dat de cijfers over seksueel grensoverschrijdend gedrag hen choqueren.

– Romy van der Heide –

Afhankelijkheid

Op ieder niveau is een speler in meer of mindere mate afhankelijk van zijn/haar trainer, of dit nou bij de grootste tennistalenten is of bij het vijfde jeugdelftal van de handbalvereniging om de hoek. Die afhankelijkheid herken ik als trainer ook. Ik bepaal hoeveel speelminuten mijn spelers krijgen, ik heb zelfs inspraak wanneer een speler naar een andere club gaat om hogerop te komen en ik kan spelers makkelijk aanraken wanneer ik iets uitleg of wil corrigeren. Over dat laatste ben ik goed gaan nadenken. Ik raak mensen namelijk snel aan, op verantwoorde plekken uiteraard, maar ik heb nooit aan één van mijn spelers gevraagd of ze het goed vinden als ik hen aanraak om bijvoorbeeld hun houding te corrigeren. Na dit besef ging ik met mijn spelers in gesprek over aanraken en hun en mijn grenzen. Het betekent namelijk niet dat we elke vorm van aanraken paniekerig moeten vermijden, maar het aangeven van je grenzen mag geen invloed hebben op meer of minder speelminuten of je kans op een plek in de selectie.

Kijk regelmatig kritisch naar of je jouw positie als trainer verantwoordelijk invult. Jij zorgt namelijk voor een veilig of onveilig sportklimaat voor jouw spelers en dat is een grote verantwoordelijkheid!

Machtsverschil

Die afhankelijkheid brengt automatisch ook een machtsverschil met zich mee. Machtsverhoudingen ontstaan bijvoorbeeld door verschil in leeftijd en positie (trainer/sporter, jongere/oudere sporter, ervaren/onervaren sporter, etc.). Dat er machtsverschillen zijn is niet meteen een probleem. Het is fijn om een oudere trainer op een groep te hebben staan. Bedenk maar eens wat er gebeurt als je een groep 8-jarigen door een andere 8-jarige laat trainen. Dat zorgt ook voor onveilige situaties. Het gaat er dus om op wat voor manier er wordt omgegaan met het machtsverschil.

Bij seksuele intimidatie en/of misbruik is altijd sprake van een machtsverschil tussen pleger en slachtoffer, waarbij de pleger misbruik maakt van zijn machtspositie. Blijf kritisch naar jezelf als trainer en wees als bestuur kritisch naar hoe jouw trainers voor de groep staan.

Kwetsbare groepen

Centrum Veilige Sport (CVS) werkt aan preventie van grensoverschrijdend gedrag en is in Nederland hét advies- en meldpunt wanneer iets misgaat. De meldingen die CVS binnen krijgt zijn nog maar het topje van de ijsberg. Naar schatting krijgt één op de acht sporters te maken met seksuele intimidatie. De meerderheid hiervan zijn kinderen onder de 16 jaar. Kinderen zijn, net als sporters met een beperking, LHBTI+ en topsporters extra kwetsbare groepen. Dat kan zijn omdat zij niet capabel zijn om zich te verweren, geen nee durven te zeggen tegen volwassenen of gewend zijn om over hun eigen grenzen te gaan.

Zeker (jonge) kinderen weten soms niet wat (on)gepast gedrag is. Zo gaf ik eens een groep jongens en meisjes training, waarin een meisje een shirtje droeg met pailletten die je twee kanten op kan vegen. Zo ontstonden verschillende printjes. Een jongetje vond dit erg interessant en wreef aan haar shirtje. Het meisje vertelde mij dat ze het niet leuk vond dat hij haar daar aanraakte. Het ging hier om kinderen van 6/7 jaar en de jongen raakte het meisje niet bewust op die plek aan. Maar zij gaf haar grenzen aan en dat dien je als trainer en medesporter altijd te respecteren, of er nou wel of geen kwade bedoelingen in het spel zijn of niet. Als trainer kun je zo’n moment aangrijpen om het onderwerp ‘grenzen’ binnen jouw spelersgroep te bespreken. Jouw vrijheid houdt op waar de ander zijn grens aangeeft. Dat is de basis om op een veilige en positieve manier met elkaar om te gaan.

Het meisje vertelde mij dat ze het niet leuk vond dat hij haar daar aanraakte.

– Romy van der Heide

Wat kun je doen?

Bij kwetsbare doelgroepen moet dus extra aandacht worden besteed aan veiligheid. Wat kan jij als trainer, ouder of bestuurder doen en welke lessen kunnen we uit Athlete A halen?”

    • Sta eens stil bij de relatie die je met je sporters hebt, hoe je omgaat met fysiek contact en hun privacy. Hanteer jij altijd het vier-ogen principe? Ga eens na in welke mate je je mengt in het privéleven van de sporter, denk aan volgen op social media.
    • Is het aanraken van je spelers nodig bij jouw sport? Ga hierover met elkaar in gesprek en vraag toestemming voordat je een speler aanraakt.
    • Wees je bewust van de meldplicht die je als begeleider hebt als het gaat om vermoedens en signalen van seksueel grensoverschrijdend gedrag.
    • Vraag de vereniging welk beleid ze op dit onderwerp voeren, bijvoorbeeld hoe hun aannamebeleid eruit ziet, of trainers een VOG hebben en de gedragscode hebben besproken of zelfs hebben ondertekend. Kortom: wie geeft er training aan jouw kind?
    • Leer je kind zijn/haar grenzen aangeven en geef aan dat hij/zij altijd bij jou terecht kan als deze grenzen worden overschreden. Bij jonge kinderen kan dit bijvoorbeeld met het boekje ‘Nee is oké’
    • Maak vermoedens bespreekbaar. Geen harde aanwijzingen? Ook onderbuikgevoelens kun je bespreekbaar maken, bijvoorbeeld bij de Vertrouwenscontactpersoon van je club of sportbond of bij het Centrum Veilige Sport.
    • Zorg voor beleid op dit onderwerp: VOG, Gedragscode, vier-ogen beleid in kleedkamers, minstens één opgeleide, zichtbare vertrouwenscontactpersoon. Kortom: zorg voor een veilig sportklimaat. Meer info? Klik hier en hier.
    • Wees je bewust van de meldplicht die je als bestuurder (en jouw kaderleden) hebt als het gaat om (vermoedens van) seksuele intimidatie en/of misbruik.
    • En de belangrijkste les van Athlete A: stop vermoedens, klachten en geruchten niet in de doofpot, maar ga hier zorgvuldig mee om. Vraag hulp! Dit kan bij de sportbond of bij Centrum Veilige Sport.

Romy van der Heide is pedagogisch adviseur bij Rotterdam Sportsupport en actief als jeugdtrainster bij HC Delfshaven. Heb je vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan contact op met Romy via r.vanderheide@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 010 24 29 315. Bekijk hier de vlogs van Romy & Steef.

Eerder verschenen columns:

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Kitty Kalkman

Kitty Kalkman

projectleider Toekomstbestendige sportverenigingen / leidinggevende