Maatschappelijke organisaties die doelen willen bereiken in samenwerking met een sportvereniging, kunnen zich vanaf maandag 15 december in hun clubkeuze laten leiden door het Sportpluspredicaat. Deze kwalificatie bewijst dat een vereniging een bepaalde basiskwaliteit heeft en een bredere maatschappelijke rol speelt dan de traditionele sportclub.

Een kleine 25 Rotterdamse sportverenigingen hebben dit jaar een grondige toets ondergaan. Het doel: nagaan of ze aan de eisen voor het Sportpluspredicaat voldoen.

Verenigingen kunnen met zo’n predicaat aantonen op een structurele basis vitaal en maatschappelijk betrokken te zijn. Tegelijkertijd helpt het maatschappelijke partijen, zoals zorg- of welzijnsinstellingen, een keuze te maken voor een betrouwbare partij. Dat is handig wanneer ze bijvoorbeeld op zoek zijn naar een sportvereniging waar hun cliënten kunnen bewegen of sporten.

Onder de loep

De toetsingscommissie bestaat uit personen die niet werkzaam zijn bij Rotterdam Sportsupport. Gabriëlle Kluwen is één van hen. De manager van het Centrum Jeugd en Gezin Rijnmond legde acht verenigingen onder de loep, elke keer samen met één van de andere commissieleden.

Ze vertelt: ‘We kwamen in aanraking met koplopers en beginners op het vlak van maatschappelijk verantwoordelijke sportclubs. Clubs die heel goed doorhebben wat de tijdgeest is. Dat dus steeds meer geledingen in onze samenleving verlangen dat een sportvereniging méér biedt dan sporten en daarbij verder kijkt dan naar haar traditionele doelgroepen.’

De commissieleden kwamen tot hun oordeel op basis van schriftelijke documentatie en daarna een gesprek bij de vereniging. Daar ontmoetten zij in de regel bestuursleden, aangevuld met een vrijwilliger, bijvoorbeeld een lid van de Sportpluscommissie van de club.

Gebruik accommodatie

Kluwen: “Voorafgaand aan het gesprek oriënteerde de toetsingscommissie zich met behulp van de documentatie. Clubs leverden bijvoorbeeld beleidsplannen, stukken van de algemene ledenvergadering, vrijwilligersbeleid en gegevens over het leden- en vrijwilligersverloop. De financiële en juridische stukken zijn vooral bestudeerd door externe deskundigen. Onderdeel van de aangeleverde stukken was ook een vragenlijst, waarin de club ingaat op de verschillende Sportpluscriteria. Daarin gingen ze onder meer in op hun doelgroepen, netwerkpartners en het gebruik van de accommodatie op momenten dat de vereniging deze zelf niet nodig heeft.’

Méér dan sport

Tijdens de gesprekken bij de vereniging zoomden de commissieleden in op specifieke zaken die hen tijdens de voorbereiding waren opgevallen. Kluwen is zelf bestuurslid van een korfbalvereniging. ‘Ik ben onder meer toegetreden tot de toetsingscommissie van het Sportpluspredicaat, omdat ik het belangrijk vind dat verenigingen zich realiseren méér te kunnen bieden dan sport. Sportclubs moeten een veilige en stimulerende omgeving zijn waar je je kunt ontwikkelen op verschillende gebieden. Een lid kan dan onvermoede talenten bij zichzelf ontdekken. Denk aan de 14-jarige die het ook leuk blijkt te vinden als scheidsrechter een wedstrijd in goede banen te leiden en die hierin goed wordt opgeleid door een ervaren scheidsrechter.’

De andere commissieleden zijn: Dave de Held (Rabobank), Hein Veerman (NOC*NSF), Johan Geraedts (gemeente Rotterdam), Marian ter Haar (NISB) en Marianne Martens (Thuis op Straat).

Begin december horen de deelnemende clubs of zij het predicaat zullen ontvangen, op 15 december tijdens de Sport Awards Rotterdam-Rijnmond is de officiële uitreiking.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Marion den Elsen

Marion den Elsen

secretaresse