Rotterdamse sportverenigingen spelen in toenemende mate een rol op het gebied van gezondheid, jeugdzorg en werkgelegenheid. Die betekenis voor de stad kan verder groeien als organisaties uit de sociale sector meer openstaan voor samenwerking. Dit heeft het Verwey-Jonker Instituut geconcludeerd na vier jaar onderzoek naar het Sportplusprogramma. De uitkomsten werden bekendgemaakt tijdens het Sportcongres Rotterdam op maandag 13 oktober.

Hoe kunnen sportverenigingen een alternatief bieden voor al langer bestaande activiteiten die een actieve en gezonde leefstijl van Rotterdammers beogen? Dat is één van de vragen die het Verwey-Jonker Instituut beantwoordt in het onderzoeksrapport ‘Sportverenigingen helpen Rotterdam vooruit’. Het onderzoeksinstituut nam het Sportplusprogramma van Rotterdam Sportsupport onder de loep

Onderzoeker Niels Hermens: “In eerder onderzoek gaven maatschappelijke partijen al aan dat maatschappelijke interventies bij sportverenigingen vaak meer opleveren dan andere interventies. Dit werd bijvoorbeeld kenbaar gemaakt door het Leger des Heils, Pameijer en Stichting MEE. Deze organisaties merkten onder meer dat sport en beweging bij een sportvereniging bijvoorbeeld de kans verkleinen dat cliënten of deelnemers terugvallen in dure zorg- of hulptrajecten. Het onderzoek van dit jaar geeft hetzelfde beeld.”

Wanneer is de kans op een succesvolle samenwerking tussen sportverenigingen en de sociale sector het grootst? Op het moment dat een organisatie in de sociale sector nauw betrokken is bij de activiteiten en hierin ook investeert, aldus Hermens.

Hij zegt: ‘Dit gebeurt al vanuit het Rotterdamse jeugdbeleid en het Rotterdamse re-integratiebeleid. Via die weg zijn reeds stedelijke programma’s bij sportverenigingen ontwikkeld. Organisaties uit de sociale sector hebben al contact met de doelgroep. Ook zijn zij in staat om te investeren in stedelijke programma’s. Let wel: een investering vanuit de sociale sector hoeft niet altijd extra uitgaven te betekenen. Het kan ook gaan om een andere inzet van bestaande financiering of om de inzet van menskracht.’

Gemeenten mogen niet zomaar van elke sportvereniging verwachten dat ze maatschappelijke activiteiten uitvoert, zo valt te lezen in het onderzoeksrapport. Wil een club maatschappelijke activiteiten ondernemen, dan moet ze financieel en organisatorisch op orde zijn, over een geschikte accommodatie beschikken en een sociaal veilig sportklimaat hebben. Verder dient een maatschappelijke drive te bestaan binnen verschillende geledingen van de sportvereniging.

Rotterdam telt vijftien Sportplusverenigingen. Volgens het Verwey-Jonker Instituut zijn er in de stad ongeveer vijftig andere sportverenigingen die ook maatschappelijke activiteiten kunnen en willen ontplooien.

De gemeenten zijn vanaf volgend jaar verantwoordelijk voor jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen. Taken die voorheen behoorden tot de verantwoordelijkheid van het rijk, worden straks lokaal georganiseerd. Hermens: ‘Sportverenigingen kunnen hierin een belangrijke rol spelen, maar partijen in de sociale sector maken duidelijk hier momenteel minder voor open te staan. Dit is jammer, want juist nú is het moment om sportverenigingen een plaats te geven in nieuwe lokale samenwerking.’

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Emile van der Weg

Emile van der Weg

verenigingsconsulent Organisatie