Robbie van Beers is combinatiefunctionaris judo. Vlak voor de zomervakantie gaf hij een uur lang judoles aan 65 leerlingen van openbare basisschool De Wissel. Het ging om kinderen uit groep 3 en 4. Niet alleen was een heel grote groep, sommige leerlingen waren ook best druk, beweeglijk en snel afgeleid. Toch liep de les op rolletjes. Van Beers’ aanpak kan nuttig zijn voor iedereen die bij zijn club training verzorgt aan jeugdleden. Lees snel al zijn tips voor een georganiseerde en goedlopende training. 

Tip 1: vaste patronen
Van Beers: ‘De kinderen kenden mij hoogstens van één les een jaar eerder. Daarom gaf ik iedereen een hand bij de ingang van de sportzaal. Daarna zei ik ze meteen aan de kant te gaan zitten. Iedereen nam daar een vaste plek in, Na elke oefening ging iedereen terug naar diezelfde plek. Dat gaf duidelijkheid en werkte snel en efficiënt.’

Tip 2: snel aan de slag
‘Aan het begin heb ik hoogstens dertig seconden gesproken. Ik zei: vandaag krijgen jullie judoles, ik vraag iedereen mee te helpen en nu gaan we beginnen.’

Tip 3: veel bewegen
‘Als je kinderen beweegonderwijs geeft, moet je er ook voor zorgen dat ze zoveel mogelijk bewegen. Ik heb het stilzitten tot een minimum beperkt. Dankzij de korte uitleg tussen de oefeningen door hebben de kinderen 55 minuten bewogen en vijf minuten gezeten.’

Tip 4: vragen mee te helpen
‘Ik heb onmiddellijk gezegd: we hebben een groep van 65 kinderen, dus ik heb ieders hulp nodig om jullie een goede les te kunnen geven. Help me mee, zodat we met zijn allen een fijne en nuttige tijd hebben. Veel kinderen zijn er gevoelig voor om op zo’n manier medeverantwoordelijkheid te krijgen.’

Tip 5: veel opdrachten geven in het begin
‘We begonnen met een reactiespel. Als ik bijvoorbeeld ‘staan’ riep, moesten de kinderen gaan staan. Ik gaf voortdurend opdrachten. Daardoor had ik de aandacht van de kinderen. Ik was in the lead, ze kregen niet de kans af te dwalen. Omdat ik in het begin zoveel opdrachten gaf, wenden ze ook snel aan mijn stem. Dat was handig voor de rest van de les.’

Tip 6: overzicht en concentratie creëren
‘Normaal gesproken bevinden alle deelnemers aan een judotraining zich op één en dezelfde grote mat. Voor deze gelegenheid had ik bijna veertig kleine matjes verspreid neergelegd in de zaal. Op elke mat gingen twee kinderen aan de slag. Daardoor konden ze zich concentreren op elkaar en werden ze niet afgeleid door andere kinderen.’

Tip 7: kinderen vragen om uitleg
‘Tijdens de les hebben de kinderen op een aantal judovormen geoefend; telkens een andere grondtechniek. Vóór een oefening deed ik het twee keer voor en legde ik de bijbehorende stappen uit. Bijvoorbeeld: eerst tegen de ander aanleunen, dan je hand op zijn schouder leggen, vervolgens zijn arm stevig vastpakken en daarna met elkaar stoeien om te kijken of de ander kan ontsnappen of niet. Wanneer ik de oefening voor de tweede keer voordeed, vroeg ik vier kinderen telkens een stap uit te leggen aan de andere leerlingen. Zo wist iedereen bij de eerste uitleg: misschien moet ik hierna een stap uitleggen, dus ik moet goed opletten. Dat kinderen zelf stappen uitlegden, droeg ook weer bij aan hun verantwoordelijkheidsgevoel.’

Tip 8: eerst aandacht aan de drukkere kinderen
‘Bij binnenkomst van de kinderen merk je snel wie wat drukker en rumoeriger zijn. Ze praten bijvoorbeeld luid en stoeien met elkaar. Aan het begin van een oefening ging ik bij hen in de buurt staan en gaf ik hen de meeste aandacht: complimenten uitdelen, nog een keer de oefening uitleggen enzovoort. Daardoor kregen ze plezier in de oefening en kon ik daarna mijn aandacht richten op de andere kinderen. Noem het een preventieve aanpak; deze benadering kan helpen onrust te voorkomen.’

Tip 9: flexibel omgaan met oefentijd
‘Ik ging niet rigide om met de planning. Het is belangrijk flexibel te zijn. Stel, je bent ervan uitgegaan dat een bepaalde oefening tien minuten duurt, maar na acht minuten zie je dat veel kinderen verveeld raken, andere dingen gaan doen of ruzie maken met elkaar. Dan is de rek uit de oefening. Het is tijd voor de volgende oefening.’

Tip 10: een uitdaging bieden
‘Als een oefening te gemakkelijk is, vinden kinderen het saai, raken ze verveeld en groeit de kans dat ze onrustig worden. En als een oefening veel te moeilijk is, zullen ze er al gauw geen zin meer in hebben en stijgt ook het risico op vervelend gedrag. Ik probeerde daarom goed in te schatten wat de kinderen konden. Daarna deden we een oefening die nét te moeilijk was. Zo daag je kinderen uit en vinden ze de oefening boeiend. Ik had maar één les om erachter te komen wat de kinderen in hun mars hadden. Trainers bij een vereniging hebben hiervan een veel beter beeld en kunnen daarmee al rekening houden tijdens de voorbereiding op een training.’

Tip 11: drukke en beweeglijke kinderen extra verantwoordelijkheid geven
‘Niet zelden zijn drukke en beweeglijke kinderen degenen die een oefening snel in de vingers hebben. Omdat ze gemakkelijk bewegen, vinden ze het al gauw gemakkelijk en kunnen ze afgeleid raken. Tijdens de judoles probeerde ik deze kinderen extra verantwoordelijkheid te geven, zodat ze zich betrokken bleven voelen én steeds iets uitdagends te doen hadden. Ze mochten bijvoorbeeld een oefening voordoen voor de groep of, zoals gezegd, een stap uit een oefening uitleggen. Maar als ik beweeglijke kinderen zag die een oefening snel oppikten, kon ik ze ook complimenteren en vragen of ze leerlingen wilden helpen die het niet zo eenvoudig afging. Zo van: leg jij die ene stap nog eens goed uit aan die twee kinderen daar. Als hun hulp vruchten afwierp, stuurde ik ze naar twee andere kinderen toe.’

Ben jij trainer en wil je een keer meekijken bij een les van Robbie van Beers? Of lijkt het jullie vereniging nuttig dat hij aan alle jeugdtrainers van de club zijn aanpak toelicht? Dit aanbod is niet alleen bedoeld voor de judoverenigingen. Clubs in alle andere takken van sport kunnen er ook hun voordeel mee doen. Zoek contact via r.vanbeers@rotterdamsportsupport.nl.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Wilco Hameetman

Wilco Hameetman

verenigingsconsulent Hillegersberg-Schiebroek, Overschie en Prins Alexander