Rotterdammers die een baan kregen of vrijwilligersactiviteiten gingen verrichten. ‘Bewegen naar Werk’ heeft in het eerste jaar al vruchten afgeworpen. Het door Rotterdam Sportsupport uitgevoerde programma beoogt mensen met een bijstandsuitkering, vaak in een sociaal isolement verkerend, letterlijk en figuurlijk in beweging te krijgen. Een terug- en vooruitblik van bedenker Koos Remmel en directeur Gert-Jan Lammens van Rotterdam Sportsupport.

Ja, hij is tevreden over het eerste jaar van zijn programma. ‘Hij’ is Koos Remmel, de geestelijk vader en leider van het initiatief. En ‘zijn programma’ is ‘Bewegen naar Werk’, inmiddels ruim een jaar uitgevoerd door Rotterdam Sportsupport. Negen sportverenigingen doen nu mee en al bijna 400 Rotterdammers met een bijstandsuitkering kwamen in actie.

Waarom is Remmel tevreden? ‘Vooral vanwege de reacties van deelnemers. Ze zeggen me weer energie te hebben. Ze zijn blij weer onder de mensen te komen. Ze vertellen dat ze weer zin hebben om verder te kijken dan ze lange tijd deden. Ze laten me weten weer te durven denken aan hun dromen.’

Twee keer per week

Wie meedoet aan Bewegen naar Werk, meldt zich 26 weken lang wekelijks twee keer bij een sportvereniging in de buurt. Samen met andere Rotterdammers met een bijstandsuitkering doet hij daar een uur lang mee aan sport- of beweegvormen. Die worden geleid door een instructeur. Tijdens, voor of na de sessie kan de deelnemer van een lifestylecoach adviezen krijgen over bijvoorbeeld gezond eten.

‘Wie langdurig stilzit, raakt zowel lichamelijk als mentaal op achterstand’, zegt Remmel, voorheen werkzaam in de sociale psychiatrie en tevens voormalig regiomanager van het UWV in Rotterdam en Dordrecht. ‘Met dit programma wordt je startmotor weer aangeslingerd. Mensen die lange tijd niet hebben geparticipeerd in de samenleving, waarin werk een dominante factor is, gaan een nieuw perspectief bouwen. Het einddoel is dat ze gaan werken.’

Complete keten

Waarin ‘Bewegen naar Werk’ zich onderscheidt van soortgelijke initiatieven elders in Nederland? Remmel: ‘Vanwege de brede aanpak van bewegen, leefstijl en sociaal contact. Verder ga je naar een vereniging in je eigen, vertrouwde wijk. Deelname is laagdrempelig, grote kans ook dat je er bekenden tegenkomt. Verder is dit programma onderdeel van een complete keten in de stad. Na deelname val je niet terug in een gat. De ambitie is dat deelnemers minimaal vrijwilligerswerk gaan verrichten. Menigeen krijgt na Bewegen naar Werk een werkervaringsplaats via bijvoorbeeld Magis010, een organisatie die staat voor het ontwikkelen van talenten en mogelijkheden bij mensen.’

Gert-Jan Lammens is directeur van Rotterdam Sportsupport. Hij vult Remmel aan: ‘Mensen vinden zichzelf weer een beetje uit dankzij Bewegen naar Werk. Ze komen de deur uit, durven zich te presenteren en krijgen het zelfvertrouwen om na te denken over hun toekomst. Wij streven met dit programma naar een lange-termijngedragsverandering. Daarbij is de sociale context van de vereniging belangrijk. Het klinkt misschien gek, maar het kan al heel aangenaam en zelfs stimulerend zijn als na jaren iemand op maandagochtend weer eens aan je vraagt hoe je weekend is geweest.’

Kracht van sport

Sport is niet van de sport alleen. Het is een credo dat Lammens al jaren huldigt. ‘De zorg, het onderwijs en dus ook de re-integratiesector kunnen hun voordeel doen met de kracht van sport. Onderschat niet de mogelijkheden die verenigingen, zo nodig ondersteund door Rotterdam Sportsupport, kunnen bieden. Dat kan zeker een voordeel zijn in tijden waarin veel taken worden verplaatst van de Rijksoverheid naar gemeenten. Vanaf 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning, jeugdzorg en de participatiewet. Tegelijkertijd moeten dezelfde prestaties worden geboekt met minder financiële middelen. Ik hoop dat iedereen de rol herkent die de sport hierbij kan spelen.’

Lammens looft de durf van het cluster Werk en Inkomen van de gemeente Rotterdam vorig jaar om ‘ja’ te zeggen tegen Bewegen naar Werk. Hij zegt: ‘Het programma biedt een onorthodoxe aanpak, is revolutionair. Het is een manier om mensen met een uitkering sneller aansluiting te laten vinden bij de arbeidsmarkt dan veel andere programma’s doen. Wij zijn dankbaar dat men vanaf het begin openstaat voor onze benadering.’

Inmiddels is een nieuwe ambitie uitgesproken voor 2015. Bij tien verenigingen gaan dan telkens 45 deelnemers van start die sporten én aan de slag gaan met een leergang. Remmel: ‘Een deelnemer en de lifestylecoach stippelen een pad uit aan de hand van concrete doelen en acties. Een voorbeeld? Iemand heeft vroeger bij een supermarkt gewerkt en zegt graag actief te willen zijn bij een bedrijf in de haven. Wat is daarvoor nodig? Welke cursussen moeten worden gevolgd? Waar en wanneer is dat mogelijk? Door het concreet te maken, is er geen sprake meer van vrijblijvendheid, zoals je nog wel eens ziet.’

Maatwerk

Al doende leert men. Zo gaat Bewegen naar Werk meer maatwerk bieden. Remmel: ‘In het eerste jaar zeiden we dat deelname 26 weken duurde. Maar de ene persoon heeft twaalf weken nodig om perspectief op te bouwen en de andere misschien veertig. Daar gaan we op inspelen.’

Lammens: ‘Verder blijken sommige deelnemers na 26 weken niet meer weg te willen bij de vereniging. Ze hebben het er naar hun zin. Wij willen met onze partners dan ook nadenken over manieren om structureel te voorzien in laagdrempelig sportaanbod.’ Remmel: ‘Ja, we streven naar structurele sportdeelname. We hopen dat verenigingen daarover meedenken en bijvoorbeeld bekijken of ze voor deze groep sport kunnen organiseren tegen een andere tegenprestatie dan de gebruikelijke contributie.’

Bewegen naar Werk gaat nóg meer doelgroepen bereiken. Remmel: ‘We zullen ons ook richten op een groep Rotterdammers die al minstens vijftien jaar een uitkering heeft. Verder gaan we in september van start met twintig vrouwen met een allochtone achtergrond die een taalcursus achter de rug hebben en via Bewegen naar Werk moeten doorstromen naar vrijwilligerswerk. Dat geldt ook voor de groep langdurig werklozen. Voor beide groepen hebben we inmiddels de handen ineengeslagen met de Vrijwilligerswinkel van de deelgemeente Kralingen-Crooswijk.’

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Anouk Meeter

Anouk Meeter

verenigingsconsulent Feijenoord, Delfshaven en Centrum