Zet jij je in voor diversiteit en inclusie in de sport? En wil jij dit samen met Soufiane Touzani, Deborah Gravenstijn en Rita van Driel uitdragen met de unieke groen-witte band met het stadswapen ‘Sterker door Strijd’Klik hier om de aanvoerdersband voor jezelf, jouw team, jouw organisatie of voor een ander aan te vragen. Als ‘aanvoerder’ draag je actief bij aan diversiteit en inclusie in de Rotterdamse sport. 

Heb je de band al aangevraagd per mail? Wij nemen binnenkort contact met je op om de maat en adresgegevens bij je op te vragen.

Freestylevoetballer Soufiane Touzani met de aanvoersband

Omarm Rotterdam!

De door Arno Coenen ontworpen Rotterdamse aanvoerdersband is onderdeel van de campagne ‘Omarm Rotterdam!’. Dit is een initiatief van Rotterdam Sportsupport en staat voor elkaar steunen, leiderschap, samenwerking en betrokkenheid. ‘Rotterdammers kunnen met deze band waardering naar elkaar uitspreken en het geeft een gevoel van saamhorigheid en trots! Voor meer diversiteit en inclusie heb je voorlopers nodig, mensen die lef hebben en het verschil willen maken. Zij kunnen met hun enthousiasme vele Rotterdammers meekrijgen in inclusiever denken en doen,’ aldus Gert-Jan Lammens, directeur van Rotterdam Sportsupport.

Ook Deborah Gravensteijn draagt de aanvoerdersband

Sportieve spin-off van vlaggenoffensief

De aanvoerdersband is een sportieve spin-off van het vlaggenoffensief dat wethouder Wijbenga in 2020 startte. Wijbenga: ‘Het gaat te vaak om wat ons als Rotterdammers verschillend maakt; juist de benadering dat we allemaal Rotterdammer zijn en we dat gemeen hebben, is een mooi uitgangspunt. De Rotterdamse vlag kan hier een bijdrage aan leveren. Daarom stellen we vlaggen beschikbaar aan scholen, winkeliers en vastgoedeigenaren. Voor de sport geven we met de Rotterdamse aanvoerdersband uiting aan deze beweging’.

Rotterdam Sportsupport ondersteunt sportverenigingen in Rotterdam bij het vitaal, veilig en toekomstbestendig worden en blijven. Samen met vele samenwerkingspartners zorgt zij ervoor dat iedere Rotterdammer sportief én maatschappelijk mee kan doen.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Sandra Sonneveld

Sandra Sonneveld

P&O medewerker

In een reeks columns delen vloggers Romy & Steef hun praktijkervaringen als train(st)er. Deze keer: Romy op Coming Out Day over LBHTI-acceptatie binnen sportverenigingen.  

Beluister de column hier:

Of lees de column hier:

“Dat mijn spelers zich in het team veilig voelen, vind ik het aller belangrijkst. Dit staat natuurlijk ver boven presteren, maar ook boven leren. Want ook al komen de kinderen, in mijn geval, om te hockeyen, als een speler/speelster zich onveilig voelt of niet zichzelf kan zijn wordt er weinig geleerd. Respect is hierin voor mij het sleutelwoord. Spelers hoeven geen beste vrienden te worden, maar je hebt altijd respect voor elkaar. Of iemand nu wel of niet goed kan hockeyen, een Nederlandse of andere culturele achtergrond heeft of op jongens of meiden valt.

Coming Out Day

Vandaag is de Coming Out Day. Een dag waarin aandacht wordt gegeven aan het moment dat iemand uitkomt voor zijn of haar seksuele geaardheid (homoseksueel of biseksueel) of genderidentiteit (zich meer een jongen of een meisje voelen, of iets er tussenin). Deze dag is nodig, want de acceptatie van de LHBTI-doelgroep (lesbiennes, homoseksuele, biseksuele, transgender en intersekse) is soms ver te zoeken. Helaas ook op de sportvelden. Op sportvelden heerst vaak een machocultuur: wie is er groter, sterker, sneller en beter. Dit gaat regelmatig gepaard met opmerkingen als ‘je slaat als een meisje’ of ‘je bent toch geen mietje, met je lange broek’. Het woord homo is waarschijnlijk het meest gebruikte scheldwoord op sportvelden. Hoewel het scheldwoord homo vaak losstaat van het wel of niet accepteren van iemand die homoseksueel is, is het erg kwetsend voor jongens en meiden die worstelen met hun geaardheid of genderidentiteit.

“Hoewel het scheldwoord homo vaak losstaat van het wel of niet accepteren van iemand die homoseksueel is, is het erg kwetsend voor jongens en meiden die worstelen met hun geaardheid en genderidentiteit.”

Hoe creëer je nou voor iedereen een veilig sportklimaat? Dus ook voor iemand die uit de kast wil komen, of nog worstelt met zijn/haar gevoelens. Hoe doe je dat wanneer je niet weet of er iemand uit de LHBTI-doelgroep in jouw team zit en of diegene er wel klaar voor is om uit de kast te komen? Ga je op voorhand het gesprek aan? Benadruk je regelmatig dat het oké is als iemand gevoelens heeft voor hetzelfde geslacht of zich niet happy voelt in zijn/haar lijf? Of doe je dat juist niet?

Aanvoerderschap

Als heteroseksuele hockeyster kan ik niet putten uit mijn eigen ervaring, dus heb ik contact opgenomen met Gabriël. Een goede voetballer en met zijn sociale kwaliteiten en aanvoerderschap bij eerste teams vervult hij al jarenlang een voorbeeldfunctie binnen zijn vereniging. Een aantal jaar geleden kwam hij door middel van een WhatsApp-bericht bij zijn team uit de kast. Uit ons gesprek is een lijstje do’s en don’ts gekomen voor jou als train(st)er:

  • Stop met het negatief of grappig gebruiken van het woord homo of mietje. Dit is kwetsend;
  • Spreek ook je medetrain(st)ers en spelers hierop aan. Zo zorg je ervoor dat iedereen zich gerespecteerd en geaccepteerd kan voelen;
  • Homoseksualiteit is niet altijd te zien, ga er dus niet vanuit dat er geen homo’s of lesbiennes in jouw team zitten op basis van uiterlijke kenmerken;
  • Heb respect hoog in het vaandel staan, accepteer geen enkele vorm van pesten of schelden. Of dit nou om afkomst, geaardheid, geloof of uiterlijk gaat. Zo creëer je een omgeving waarin iedereen zichzelf kan zijn;
  • Begin hier al op jonge leeftijd mee, zo creëer je een duidelijke cultuur waarin iedereen zich welkom en geaccepteerd voelt;
  • Vragen spelers aan elkaar wie er al een vriendinnetje heeft? Voeg er als trainer dan nonchalant ‘of een vriendje’ aan toe. Zo leer je je spelers dat het normaal is en maak je duidelijk dat het normaal is;
  • Komt een speelster/speler in jouw team uit de kast? Vraag dan waar diegene behoefte aan heeft en wat jij voor diegene kan betekenen. De persoon is niet opeens veranderd, dus streef ernaar dat na de coming-out alles hetzelfde blijft (behalve natuurlijk de homo-opmerkingen  en grappen);
  • Check ook even in hoeverre de thuissituatie op de hoogte is. Mogen zij het wel of niet weten en kun je eventueel samen met de ouders/verzorgers optrekken om de speler te helpen?;
  • Extra tip voor bestuursleden: maak bij het aannemen van je trainers dit onderwerp bespreekbaar en spreek uit dat je van trainers verwacht dat zij  streven naar een veilig sportklimaat binnen het team en hun spelers accepteren en respecteren ongeacht hun persoonlijke mening.

Wanneer je als train(st)er zorgt voor een veilige sfeer waar iedereen wordt geaccepteerd en gerespecteerd, hoef je niet op voorhand met jouw team het gesprek aan te gaan over LHBTI-acceptatie. Door bovenstaande dingen het hele seizoen toe te passen laat je zien dat iedereen zichzelf mag zijn en altijd mee kan sporten. Los van wat jij hier als trainer zelf van vindt, accepteer en respecteer de keuze van jouw speler/speelster en zorg dat de medespelers dit ook doen.  Jouw sport is er toch voor iedereen?!”

Vind je het lastig om zo’n veilig sfeer te creëren in je team of heb je behoefte aan nog meer tips. De pedagogen en verenigingsconsulenten VSK staan voor je klaar. Jouw gebiedsconsulent koppelt je aan de juiste persoon.

Eerder verschenen columns:

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Kitty Kalkman

Kitty Kalkman

projectleider Toekomstbestendige sportverenigingen / leidinggevende

Van 5 tot 11 oktober is het LHBTI-themaweek bij Rotterdam Sportsupport. Pepijn Geldof, schrijver van het onderzoek “Grappen moeten kunnen, anders mag er niks meer”, gaat in gesprek met Karin Blankenstein. De oprichtster van de John Blankenstein Foundation (JBF) reageert op een aantal quotes uit het onderzoek. Deze keer (1): Een veilig sportklimaat voor LHBTI’ers.

Over de John Blankenstein Foundation

De John Blankenstein Foundation is een Nederlandse stichting die zich ten doel stelt om de sociale acceptatie van LHBTI’ers in de top- en breedtesport te bevorderen. De organisatie richt zich onder meer op het verbeteren van zichtbaarheid en beeldvorming van LHBTI’ers door het bevorderen van best practices in bonds-, club- en ongeorganiseerde sportverbanden. De JBF verzorgt workshops bij sportverenigingen over seksuele diversiteit voor bestuurders, trainers/coaches en spelers. Ook neemt de John Blankenstein foundation deel aan de Alliantie Gelijkspelen, een samenwerkingsverband die bestaat uit o.a. de KNVB, sportkoepel NOC*NSF en de KNHB, en heeft als doel LHBTI-acceptatie in de sport te stimuleren.

Ik denk niet dat een veilig sportklimaat voor LHBTI’ers er anders uitziet dan een algemeen veilig sportklimaat. Als iedereen zich op een veilige manier kan uiten, dan geldt dat ook voor LHBTI’ers. Het gaat erom dat je een open uitstraling hebt als vereniging.”

“Ik denk niet dat een veilig sportklimaat ook altijd toereikend is voor LHBTI’ers. Er zijn genoeg verenigingen die wel voor iedereen openstaan. Het probleem is alleen dat LHBTI’ers niet altijd goed zichtbaar zijn. Het is voor verenigingen belangrijk dat je laat zien dat je er bent voor iedereen. Toch is er voor LHBTI’ers meer nodig, want zolang er dagelijks homograppen zijn te horen en dit wordt geaccepteerd, hoe open ben je dan daadwerkelijk als vereniging? Dat is het probleem, vooral voor de jongere sporter die nog in de kast zit. Mijn advies voor verenigingen die met dit thema aan de slag willen: ga met elkaar in gesprek over dit thema. De John Blankenstein Foundation kan daarbij helpen. Wij organiseren in heel Nederland interactieve bijeenkomsten waar aan de hand van praktische werkvormen ervaringen worden gedeeld en meer begrip wordt opgedaan over seksuele voorkeur van insluiting en uitsluiting in de sport. Hierbij staat altijd een ervaringsverhaal van een LHBTI-(top)sporter centraal. Wij maken vaak mee dat dit thema hierna meer binnen de vereniging gaat leven en dat het gevoel heerst dat clubs wat met dit thema willen doen.”

Als ik mij realiseer dat ik van onze 2500 leden maar een paar LHBTI’ers kan opnoemen, dan houdt het in dat onze vereniging niet veilig genoeg is.” 

“We hebben het hier inderdaad over zichtbaarheid. Dit zien we helaas vaker. Toch kan je ook een compliment geven aan de vereniging. Juist doordat ze met elkaar in gesprek zijn gegaan, realiseren ze dat het niet sportklimaat nog niet veilig genoeg is voor LHBTI’ers. De gedachte in Nederland is vaak nog heteronormatief. We gaan ervan uit dat diegene tegenover ons tot dezelfde doelgroep behoort, maar dat is tegenwoordig niet meer zo. Laten we het normaliseren. Moet het nou zo moeilijk zijn dat een jongen na een weekend in een team kan zeggen dat hij een leuke jongen heeft ontmoet? Hoe mooi zou het zijn dat je je als hetero gewoon even in een ander kan verplaatsen? Sporters die zich op een veilige en open maniekunnen uitspreken, dat is de openheid die je als vereniging wilt hebben.
Daarnaast hoor ik wel eens: “Ja, maar hetero’s roepen toch ook niet constant dat ze hetero zijn?” Maar doen LHBTI’ers dit dan wel? Het enige wat we vragen is dat LHBTI’ers openlijk kunnen uitkomen voor hun seksuele voorkeur. Meer is het niet. Als het klimaat veilig is dat iemand voor zijn seksuele voorkeur kan uitkomen, dan heb je als vereniging een veilig sportklimaat voor LHBTI’ers.”

Ik denk dat het niet het belangrijkste is. Maar als jij als vereniging een regenboog vlag op hebt hangen, kan dat toch een extraatje zijn waardoor iemand wel bij je vereniging komt sporten of zich veilig voelt.”

“Helemaal mee eens. Het is een heel simpel initiatief, maar toch kan het al een klein stapje in de goede richting zijn. We hebben het daarnaast vaak over de sporters zelf, maar denk ook aan de twee moeders en/of twee vaders die op de sportclub komen. Natuurlijk is er nog meer nodig, maar dit kan voor de doelgroep al voelen als een zekere vorm van erkenning. Twee jaar geleden was er een Haagse vereniging die bij de gemeente twaalf regenboogvlaggen heeft opgevraagd. Bij elke uitwedstrijd overhandigde de vereniging een regenboogvlag aan de tegenstander. Een mooi en opvallende handreiking.”

Het stimuleren van meer LHBTI-acceptatie is echt een zwaar maatschappelijk vraagstuk. Hoe kan je verenigingen belasten met dit soort zware maatschappelijke vraagstukken?

“Dit speelt al jaren. We zien dat het stimuleren van LHBTI-acceptatie vaak pas op de zevende of achtste plaats komt van de prioriteitenlijst. Het is inderdaad een maatschappelijk thema, maar dat is discriminatie of racisme ook. Je wilt als vereniging toch altijd dat je leden het naar hun zin hebben? Zie het als een verrijking voor je vereniging. Is het een zwaar maatschappelijk vraagstuk? Nee, helemaal niet. Het is een kwestie van het bespreekbaar durven maken. Er zullen altijd mensen zijn die daar moeite mee hebben.
Maar maak het tegelijkertijd als vereniging ook niet groter dan dat het is. Dat proberen we in de workshops ook te laten zien. Het doel van de workshops is dat deelnemers concrete handvatten worden geboden waarmee ze zelf in staat zijn om op een proactieve wijze uitsluiting en discriminatie te herkennen en toe te werken naar inclusie. Hiermee kan iedereen zelf bijdragen aan een positieve sociale norm en een veilig(er) sportklimaat binnen de club.”

Ik denk dat een training van de John Blankenstein Foundation zeker positief is. Er zijn altijd mensen die niet voor hun seksuele voorkeur durven uit te komen. Misschien dat zo’n training net het laatste zetje geeft om wél uit de kast te komen.”

“Ik vind het mooi om te lezen hoe verenigingen hier over denken. Wij merken inderdaad dat dit net het laatste zetje kan zijn om uit de kast te komen. Dit maakt jouw vereniging alleen maar mooier. Het feit dat een vereniging zelf het initiatief neemt om deel te nemen aan een training of workshop is al goed. Hier wordt over gepraat binnen de club, het komt op de website. Dit kan voor LHBTI’ers al erkenning geven en zorgen voor meer bewustwording. Wij zijn er klaar voor!”

Ondersteuning

De John Blankenstein Foundation biedt trainingen aan voor trainers/coaches en spelers vanaf 15 jaar. Kijk hier voor informatie over de workshops. Verder kunnen verenigingen die vragen hebben over dit thema of hiermee aan de slag willen terecht bij Rotterdam Sportsupport via Carmen Barranco (c.barranco@rotterdamsportsupport.nl / 010 24 29 315). Samen kijken we met zorg naar de best passende oplossing en betrekken waar nodig partnerorganisaties als de John Blankenstein Foundation, RADAR Rotterdam en/of de KNVB. 

Eerder verschenen artikelen:

Heb je vragen over het onderzoek? Neem dan contact op met Pepijn Geldof via p.geldof@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 010-24 29 315. De scriptie kun je hier downloaden of door te klikken op de button in het informatiemenu.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Frank Vermeulen

Frank Vermeulen

verenigingsconsulent Veilig sportklimaat

Van 5 tot en met 11 oktober is het LHBTI-themaweek bij Rotterdam Sportsupport. In deze week vragen we aandacht voor LHBTI-acceptatie binnen de Rotterdamse sportverenigingen. We beginnen met een verhaal over Sportplusvereniging Volley Zuid. Aan het woord Michel van Jaarsveld (voorzitter) en Inge Kroes (vertrouwenscontactpersoon).  Wat maakt Volley Zuid een open en inclusieve sportvereniging?

De afkorting LHBTI staat voor lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgender- en intersekse personen. Met ruim 350 sportverenigingen in Rotterdam kan de sport een belangrijke rol spelen in de acceptatie van LHBTI’ers. Uit het onderzoek “Grappen moeten kunnen, anders mag niks meer” van Pepijn Geldof over LHBTI-acceptatie bij Rotterdamse sportverenigingen blijkt dat een open klimaat en uitstraling de belangrijkste voorwaarden zijn voor een inclusieve sportvereniging. “Verenigingen zouden het vanuit een intrinsieke motivatie belangrijk moeten vinden dat alle leden het naar hun zin hebben,” stelt Geldof. “Daarnaast kunnen verenigingen het zien als kans om hun leden te behouden en om nieuwe leden te binden. Je merkt dat bestuurders het vaak een ‘groot ding’ vinden om iets rondom LHBTI-acceptatie te doen. Maar door alleen al uit te stralen een open vereniging te zijn, zonder daarbij apart verschillende doelgroepen te benoemen, kan een begin zijn.”

Volleybalsters van Volley Zuid poseren met een regenboogaanvoerdersband.

Respect

Inge Kroes is als vertrouwenscontactpersoon (VCP) bij Volley Zuid begaan met het thema LHBTI-acceptatie. Zij stelt in het onderzoek dat het bij de Rotterdamse volleybalclub een vanzelfsprekendheid is dat iedereen mag zijn wie die is, in de breedste zin van het woord. “We vertegenwoordigen alle lagen van de bevolking en iedereen behandelt elkaar met respect. Dat vind ik het mooiste aan onze vereniging.”  
Michel van Jaarsveld is de voorzitter van Volley Zuid. In het onderzoek pleit hij ervoor dat sportclubs diversiteit moeten omarmen en geen groepen moeten uitsluiten. “Een sportvereniging moet de gedachte hebben dat het een veilige plek is om je kind te laten sporten. Dat kinderen bij jouw club willen sporten, omdat jij uitdraagt dat echt iedereen welkom is. Ook de LHBTI-doelgroep.”    

“We vertegenwoordigen alle lagen van de bevolking en iedereen behandelt elkaar met respect. Dat vind ik het mooiste aan onze vereniging.”  

– Inge Kroes –

Rol bestuur

Verenigingsbestuurders hebben, samen met de trainers/coaches en de VCP, een belangrijke rol bij de invulling van een veilig sportklimaat. Een eerste stap hierbij is dat zoveel mogelijk trainers/coaches in het bezit zijn van een VOG-verklaring. Naast het hebben van gedragsregels en een waarden en normen-beleid op papier, is de implementatie ervan nog belangrijker. Zo wordt wat is afgesproken ook daadwerkelijk nagekomen en zie je het beleid terugkomen in het gedrag van vrijwilligers en leden.
Geldof: “Het is de rol van het bestuur om deze waarden en normen te expliciteren en deze vervolgens te communiceren, zodat deze bij alle leden, trainers/coaches en vrijwilligers bekend zijn. Het begin van het seizoen wordt, net als een ALV (Algemene Ledenvergadering) of een trainersbijeenkomst, gezien als een moment om deze waarden en normen nog eens toe te lichten in de aanwezigheid van de VCP. Een veilig sportklimaat is een gezamenlijk proces waarbij iedereen zijn/haar verantwoordelijkheid moet nemen. Herhaling van de boodschap is hierbij belangrijk.”
Van Jaarsveld heeft bij Volley Zuid een VCP’er die hem uitlegt wat voor werkzaamheden ze doet. Op deze manier weet de preses wat er speelt binnen de vereniging op het gebied van veilig sportklimaat. “Voor het bestuur is het met name belangrijk dat je zichtbaar bent voor ouders,” aldus Van Jaarsveld. “Bij traditionele verenigingen zijn bestuurders qua leeftijd meestal nog wat ouder. Wij kiezen ervoor om niet een typisch bestuur te zijn. Wij willen midden in de vereniging staan en daarmee voor iedereen ook makkelijker aanspreekbaar zijn. Dat is voor dit onderwerp heel belangrijk. We zullen altijd proberen om als bestuur ons gezicht te laten zien.”

Rol vertrouwenscontactpersoon 

Zoals hierboven benoemd heeft de VCP een belangrijke rol bij de invulling van een veilig sportklimaat. De VCP kan volgens Geldof de schakel zijn tussen leden, trainers/coaches en het bestuur. “Het bestuur maakt beleid en gedragsregels en de VCP is een luisterend oor voor leden en de vrijwilligers. Uit het onderzoek blijkt dat de VCP in een ideale situatie ook de trainers/coaches kan ondersteunen bij het bespreekbaar maken en het signaleren van onveilige situaties. Maar dit staat op dit moment niet per se in de functie van een VCP’er. Het is heel belangrijk dat de VCP goed zichtbaar en bereikbaar is voor alle leden en trainers/coaches. Dit kan bijvoorbeeld door de VCP te introduceren bij de jaarlijkse ALV, aan te laten sluiten bij trainersavonden of door de contactgegevens duidelijk op de website te vermelden.”
Rotterdam Sportsupport adviseert VCP’ers om een kort introductiefilmpje te maken en deze vervolgens te delen in alle WhatsApp-groepen met ouders en/of jeugdleden en te plaatsen op de website.
Volley Zuid maakt trainers al aan het begin van het seizoen bewust van hun rol. Kroes: “Ik probeer bij de trainers heel erg in te zetten op bewustwording. Als ze zich bewust zijn van hun gedrag en handelingen, dan kunnen ze ook beter signalen opvangen. Ook proberen we het bij zoveel mogelijk ouders de rol van de VCP onder de aandacht te brengen. Als iemand ergens mee worstelt, is er altijd wel iemand zegt: je kan dit met de VCP bespreken. De laagdrempeligheid, de vanzelfsprekendheid: dat werkt bij ons.”

Rolmodellen 

En dan zijn er nog de rolmodellen. Deze persoon wordt binnen de eigen verenigingen gezien als middel om bij te dragen aan een inclusievere sportvereniging voor LHBTI’ers. “Als andere leden zien dat het ‘normaal’ is om een andere seksuele voorkeur te hebben en het wordt geaccepteerd, dan kan dit een stimulans zijn voor anderen,” aldus Geldof. “De aanwezigheid van een rolmodel met wie LHBTI’ers zich kunnen identificeren, draagt bij aan het ‘normaal’ gevonden worden en uiteindelijk ook aan het doorbreken van de heteronormatieve norm.”

“In hogergeplaatste teams, zeker bij de mannen, hebben we heel veel ‘roze’ spelers. Die voelen zich daar ook prima bij. Ik denk dat dat een heel mooi voorbeeld is dat je de jeugd kan geven. Als je als jeugdlid hiermee worstelt en je ziet die ‘roze’ spelers als voorbeeld, dan kan dat een stimulans zijn. Dat je denkt: ik voel me veilig genoeg om ervoor uit te komen.” 

– Michel van Jaarsveld –

Heb je vragen over het onderzoek? Neem dan contact op met Pepijn Geldof via p.geldof@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 010-24 29 315. De scriptie kun je hier downloaden of door te klikken op de button in het informatiemenu. Heb je vragen over het thema LHBTI-acceptie? Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Martijn Blok

Martijn Blok

strategisch adviseur / projectmanager Regio

Romy & Steef geven in hun vlogs natuurlijk al veel tips en tricks voor trainers, maar we kunnen ons voorstellen dat je als trainer nog veel meer andere vragen hebt. Daarom zullen Romy en Steef woensdagavond 14 oktober trainersvragen beantwoorden. Deze keer staat het thema LHBTI in de sport centraal.

De afkorting LHBTI staat voor lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgender- en intersekse personen. Met ruim 350 sportclubs in Rotterdam kan de sport een belangrijke rol spelen in de acceptatie van LHBTI’ers. Ook jij als trainer kunt hierbij een rol spelen. Aanmelden hoeft niet. Ga woensdag 14 oktober om 20.00 uur naar het Instagram-account van Rotterdam Sportsupport en schakel live in!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Laura van Velzen

Laura van Velzen

strategisch adviseur Interne organisatie

In een reeks columns delen vloggers Romy & Steef hun praktijkervaringen als train(st)er. Deze keer: Steef over de ontwikkeling van jonge sporters waarbij in zijn ogen niet het resultaat maar het proces leidend moet zijn.

Beluister de column hier:

Of lees de column hier:

“In mijn omgeving krijg ik soms de vraag waarom ik trainer ben geworden. Vaak stel ik dan een tegenvraag: waarom ben ik ooit gaan voetballen? Het antwoord is heel simpel: omdat ik het spelletje leuk vind en omdat ik graag met andere leeftijdsgenoten wilde sporten. Zoals bij iedere sport- en/of spelbeoefening, zal er altijd een team winnen en verliezen (of gelijkspelen). Maar om samen met je vriendjes of vriendinnetjes samen het plezier in sporten te ervaren, is voor ieder kind de belangrijkste motivatie om te beginnen met sporten.

Ontwikkeling

En juist die veilige, prettige speelomgeving moeten wij als trainers en sportvereniging creëren. Met name in de teamsporten werken verenigingen vaak met selectieteams. Dit zijn de ‘beste’ spelertjes in de ogen van één of meerdere mensen binnen de club. Zij krijgen de beste train(st)ers, beste materialen, meeste trainingsruimte, etc. De beste spelers in de ogen van de trainer spelen en dat is vaak arbitrair. Als de bondscoach van het Nederlands team een opstelling maakt, zijn we het daar ook niet allemaal mee eens. We kijken allemaal anders naar het spel. Iedereen heeft zijn eigen visie en voorkeuren. 

Juist die veilige, prettige speelomgeving moeten wij als trainers en sportvereniging creëren.”

Stephan Vos –

Maar laten we even teruggaan naar de waaromvraag eerder in deze column. We sporten toch allemaal omdat we willen sporten en plezier willen beleven? Ik ben van mening dat verenigingen en de trainers ervoor moeten zorgen dat kinderen te alle tijden kunnen spelen. Tevens plaats ik ook een kritische noot naar het wisselbeleid in de jeugd van sommige bonden die het niet toestaan om terug te wisselen bij jonge leeftijdsgroepen. Zelf heb ik ooit gewerkt bij een voetbalclub in de Hoeksche Waard waar de regel was dat iedereen speelminuten moest maken. Aan het einde van het seizoen moesten de percentages van het aantal gespeelde minuten passen bij de ontwikkeling van het individu. Resultaat is hierbij niet leidend maar het proces waarin een kind met plezier zijn of haar sport kan beleven en zichzelf kan ontwikkelen. Ooit sprak ik een trainer die zei: “Ik heb een bewuste keuze gemaakt om trainer te worden van selectieteam. Daar is geen ruimte om te lachen.” Gelukkig zien we op sociale media dat er in de topsport juist met regelmaat keihard wordt gelachen, ook nog door de trainers zelf.

Lachen

Terug naar de lokale sporthal of sportvelden waar onze Rotterdamse ‘talenten’ sporten. Talent heeft iedereen en daar is deze stad erg trots op. Wij als trainers zijn dan ook verplicht om deze kinderen zichzelf te laten zijn en boven zichzelf te laten uitstijgen. Dat begint met deze kinderen zelfvertrouwen te geven, en dat moet vanuit de trainer komen. 
Dus speelt niet iedereen dezelfde percentages gedurende het hele seizoen? Dan hoop ik dat het gesprek gestart wordt met de clubleiding en collega-trainers. De ontwikkeling van een kind loopt immers niet kaarsrecht, maar heeft ook hobbels. Maar juist voor deze ontwikkeling moet een jonge sporters wel vaak in de situatie komen waarin hij/zij kán leren.”

Stephan Vos is verenigingsconsulent Veilig Sportklimaat bij Rotterdam Sportsupport. Al bijna twintig jaar is hij in het (Rotterdamse) voetbal actief als jeugdtrainer. Tegenwoordig coacht hij het vrouwenbeloftenelftal van ADO Den Haag. Heb je vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan contact op met Stephan via s.vos@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 06 22 64 02 26. Bekijk hier de eerdere vlogs van Romy & Steef.

Eerder verschenen columns:

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Dirk Sparidans

Dirk Sparidans

clubkadercoach Volleybal

De afkorting LHBTI staat voor lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgender- en intersekse personen. Met ruim 350 sportverenigingen in Rotterdam kan de sport een belangrijke rol spelen in de acceptatie van LHBTI’ers. 

Vanuit de overheid is er steeds meer aandacht voor inclusief sporten. In het actieprogramma Integratie en Samenleven 2019-2022 van de gemeente Rotterdam wordt sport genoemd als belangrijke plek waar meer aandacht moet komen voor de acceptatie van LHBTI’ers. Volgens wethouder Bert Wijbenga (o.a. integratie en samenleven) zijn er meer plekken nodig waar LHBTI’ers terecht kunnen met vragen en om gelijkgestemden te ontmoeten: “Sportclubs en verenigingen moeten plekken zijn waar een kind kan vertellen: hé, ik ben zo,” zegt de wethouder in het Algemeen Dagblad. Ook de Alliantie Gelijkspelen – dit is een samenwerkingsverband bestaande uit o.a. John Blankenstein Foundation, KNVB, KNHB en sportkoepel NOC*NSF – heeft als doel de LHBTI-acceptatie in de sport te stimuleren.

Veilig sportklimaat

Pepijn Geldof heeft namens Rotterdam Sportsupport onderzoek gedaan naar de acceptatie van LHBTI’ers bij Rotterdamse sportverenigingen. Het onderzoek verschaft inzicht in de betekenissen die sportverenigingen toekennen aan een veilig sportklimaat voor LHBTI’ers, welke ervaringen zij hebben met het creëren van een veilig sportklimaat en wat mogelijke barrières zijn voor LHBTI’ers om op een veilige manier te kunnen sporten.
Uit het onderzoek van Geldof blijkt dat er bij Rotterdamse sportverenigingen de laatste jaren steeds meer aandacht is voor een veilig sportklimaat. Volgens verenigingen zit veiligheid hem in de gedragsregels waarin de normen en waarden beschreven staan, als ook in de informele sfeer binnen de vereniging. Denk hierbij aan een gedragscode met bijbehorende regels omtrent discriminatie en over de omgang met elkaar. Een vereniging heeft de taak ervoor zorgen dat iedereen op een veilige manier kan sporten, ongeacht seksuele voorkeur. De vraag ‘hoe ga je met elkaar om?’ is hierbij belangrijk. Elkaar aanspreken op ongewenst gedrag, respect hebben voor elkaar en niet discrimineren, ook niet op seksuele voorkeur, zijn terugkerende uitspraken wanneer sportvrijwilligers en -bestuurders het over veiligheid voor LHBTI’ers hebben. Op het moment dat iemand wil uitkomen voor zijn of haar seksuele voorkeur moet diegene daar niet op beoordeeld en/of veroordeeld worden. 

Meer nodig

Geldof: “Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat het hebben van een veilig sportklimaat niet altijd bijdraagt aan en toereikend is voor inclusie van de LHBTI-doelgroep. Volgens verenigingen is een open uitstraling, waarbij het een vanzelfsprekendheid is dat iedereen zichzelf kan zijn, de basis voor een veilig sportklimaat voor LHBTI’ers, maar vooral op het gebied van bewustwording rondom dit thema en bijvoorbeeld als het gaat om het maken van homograppen zijn er meer acties nodig. Het gaat dan om bewustwording bij verenigingsbestuurders dat dit thema ook wel degelijk bij hun vereniging speelt, maar ook bij trainers/coaches hoe om te gaan met (onveilige) situaties voor LHBTI’ers.”
“Het maken van homograppen komt nog veel voor en wordt in vele gevallen geaccepteerd als de verwachting heerst dat de LHBTI’ers niet aanwezig zijn op de club,” vervolgt Geldof.  ”Heteronormatieve denkbeelden en heersende machocultuur spelen hierbij een belangrijke rol en houden de onzichtbaarheid van LHBTI’ers in stand.”

“Er zijn jongeren die twijfelen over hun geaardheid. Als je bij een club speelt waar de een na de andere opmerking wordt gemaakt en waar alleen maar negatieve grappen over homo’s worden gemaakt, dan denk je wel zes keer na of je uit de kast komt of niet. Het speelt echt mee, zeker voor de jongere doelgroep. ”

– Quote van één van de respondenten –

Dilemma

Binnen de sportvereniging moet men zich op één of andere manier tot de LHBTI’er verhouden en uit dit onderzoek blijkt dat woorden en daden elkaar soms nog tegenspreken. Verenigingen willen enerzijds open zijn en het moet een vanzelfsprekendheid zijn dat iedereen zich geaccepteerd voelt, maar tegelijkertijd moeten grappen gemaakt kunnen worden. Geldof: “In één van de interviews zei iemand: Grappen horen erbij en dat moet gewoon kunnen, het moet geen panische situatie worden. Of uitspraken als dat hetero’s ook niet uit de kast komen.”
Geldof constateert dat er nog weerstand is bij clubs om aandacht aan dit thema te besteden. “Moeten we het dan voor alle doelgroepen doen? Dat is een vraag die vaak terugkomt. Ook wordt er door bestuursleden aangegeven dat het stimuleren van LHBTI-acceptatie een te groot maatschappelijk vraagstuk is en niet per se een taak voor de sportvereniging. Dit zorgt voor dilemma’s voor de sportvereniging.”  

Hoe kan Rotterdam Sportsupport jouw vereniging ondersteunen op dit thema?  

Verenigingen die vragen hebben over dit thema of hiermee aan de slag willen, kunnen terecht bij Rotterdam Sportsupport. Samen kijken we met zorg naar de best passende oplossing en betrekken waar nodig partnerorganisaties als de John Blankenstein Foundation, RADAR Rotterdam en/of de KNVB.  Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging.
Voor vragen over het onderzoek kun je contact opnemen met Pepijn Geldof via  p.geldof@rotterdamsportsupport.nl  of door te bellen naar 010-24 29 315.

LHBTI-themaweek

Van 5 tot en met 11 oktober organiseerde Rotterdam Sportsupport de LHBTI-themaweek. Deze week stond in het teken van LHBTI-acceptatie binnen de Rotterdamse sportverenigingen. Met diverse artikelen probeerden we aandacht te vragen voor het thema. Zie hieronder een overzicht met de verschenen artikelen die week:


Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Pepijn Geldof

Pepijn Geldof

verenigingsconsulent Accommodatie / projectcoördinator Vitale en toekomstbestendige sportverenigingen

Pepijn Geldof heeft namens Rotterdam Sportsupport onderzoek gedaan naar de acceptatie van LHBTI’ers bij Rotterdamse sportverenigingen. Het onderzoek verschaft inzicht in de betekenissen die sportverenigingen toekennen aan een veilig sportklimaat voor LHBTI’ers, welke ervaringen zij hebben met het creëren van een veilig sportklimaat en wat mogelijke barrières zijn voor LHBTI’ers om op een veilige manier te kunnen sporten. In een reeks artikelen besteden we de komende weken aandacht aan dit thema, gecombineerd met de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek.

De afkorting LHBTI staat voor lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgender- en intersekse personen. Met ruim 350 sportverenigingen in Rotterdam kan de sport een belangrijke rol spelen in de acceptatie van LHBTI’ers. Vanuit de overheid is er steeds meer aandacht voor inclusief sporten. In het actieprogramma Integratie en Samenleven 2019-2022 van de gemeente Rotterdam wordt sport genoemd als belangrijke plek waar meer aandacht moet komen voor de acceptatie van LHBTI’ers. Volgens wethouder Bert Wijbenga (o.a. integratie en samenleven) zijn er meer plekken nodig waar LHBTI’ers terecht kunnen met vragen en om gelijkgestemden te ontmoeten: “Sportclubs en verenigingen moeten plekken zijn waar een kind kan vertellen: hé, ik ben zo,” zegt de wethouder in het Algemeen Dagblad. Ook de Alliantie Gelijkspelen – dit is een samenwerkingsverband bestaande uit o.a. John Blankenstein Foundation, KNVB, KNHB en sportkoepel NOC*NSF – heeft als doel de LHBTI-acceptatie in de sport te stimuleren.  

Veilig sportklimaat

Uit het onderzoek van Geldof blijkt dat er bij Rotterdamse sportverenigingen de laatste jaren steeds meer aandacht is voor een veilig sportklimaat. Volgens verenigingen zit veiligheid hem in de gedragsregels waarin de normen en waarden beschreven staan, als ook in de informele sfeer binnen de vereniging. Denk hierbij aan een gedragscode met bijbehorende regels omtrent discriminatie en over de omgang met elkaar. Een vereniging heeft de taak ervoor zorgen dat iedereen op een veilige manier kan sporten, ongeacht seksuele voorkeur. De vraag ‘hoe ga je met elkaar om?’ is hierbij belangrijk. Elkaar aanspreken op ongewenst gedrag, respect hebben voor elkaar en niet discrimineren, ook niet op seksuele voorkeur, zijn terugkerende uitspraken wanneer sportvrijwilligers en -bestuurders het over veiligheid voor LHBTI’ers hebben. Op het moment dat iemand wil uitkomen voor zijn of haar seksuele voorkeur moet diegene daar niet op beoordeeld en/of veroordeeld worden.  

Meer nodig

Geldof: “Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat het hebben van een veilig sportklimaat niet altijd bijdraagt aan en toereikend is voor inclusie van de LHBTI-doelgroep. Volgens verenigingen is een open uitstraling, waarbij het een vanzelfsprekendheid is dat iedereen zichzelf kan zijn, de basis voor een veilig sportklimaat voor LHBTI’ers, maar vooral op het gebied van bewustwording rondom dit thema en bijvoorbeeld als het gaat om het maken van homograppen zijn er meer acties nodig. Het gaat dan om bewustwording bij verenigingsbestuurders dat dit thema ook wel degelijk bij hun vereniging speelt, maar ook bij trainers/coaches hoe om te gaan met (onveilige) situaties voor LHBTI’ers.”

“Het maken van homograppen komt nog veel voor en wordt in vele gevallen geaccepteerd als de verwachting heerst dat de LHBTI’ers niet aanwezig zijn op de club,” vervolgt Geldof.  ”Heteronormatieve denkbeelden en heersende machocultuur spelen hierbij een belangrijke rol en houden de onzichtbaarheid van LHBTI’ers in stand.”

“Er zijn jongeren die twijfelen over hun geaardheid. Als je bij een club speelt waar de een na de andere opmerking wordt gemaakt en waar alleen maar negatieve grappen over homo’s gemaakt worden, dan denk je wel zes keer na of je uit de kast komt of niet. Het speelt echt mee, zeker voor de jongere doelgroep. ”

– Quote van één van de respondenten –

Dilemma

Binnen de sportvereniging moet men zich op één of andere manier tot de LHBTI’er verhouden en uit dit onderzoek blijkt dat woorden en daden elkaar soms nog tegenspreken. Verenigingen willen enerzijds open zijn en het moet een vanzelfsprekendheid zijn dat iedereen zich geaccepteerd voelt, maar tegelijkertijd moeten grappen gemaakt kunnen worden. Geldof: “In één van de interviews zei iemand: Grappen horen erbij en dat moet gewoon kunnen, het moet geen panische situatie worden. Of uitspraken als dat hetero’s ook niet uit de kast komen.”

Geldof constateert dat er nog weerstand is bij clubs om aandacht aan dit thema te besteden. “Moeten we het dan voor alle doelgroepen doen? Dat is een vraag die vaak terugkomt. Ook wordt er door bestuursleden aangegeven dat het stimuleren van LHBTI-acceptatie een te groot maatschappelijk vraagstuk is en niet per se een taak voor de sportvereniging. Dit zorgt voor dilemma’s voor de sportvereniging.”  

Hoe kan Rotterdam Sportsupport jouw vereniging ondersteunen op dit thema? 

Verenigingen die vragen hebben over dit thema of hiermee aan de slag willen, kunnen terecht bij Rotterdam Sportsupport. Samen kijken we met zorg naar de best passende oplossing en betrekken waar nodig partnerorganisaties als de John Blankenstein Foundation, RADAR Rotterdam en/of de KNVB.  

De komende weken besteden we nog meer aandacht aan het thema. Bijvoorbeeld met een good practice-verhaal van een Rotterdamse vereniging en een interview met Karin Blankenstein, oprichtster van de John Blankenstein Foundation. Ook vindt er aanstaande woensdag bij HC Delfshaven een communitybijeenkomst plaats waar Rotterdam Sportsupport in gesprek gaat met experts van RADAR Rotterdam, de John Blankenstein Foundation en wethouder Bert Wijbenga.

Van 18 tot 27 september is Rotterdam Pride. In deze periode kleuren de straten van Rotterdam alle kleuren van de regenboog om de vrijheid van seksuele, gender, sekse en culturele diversiteit te vieren. LGBTI-sportvereniging Ketelbinkie opent deze dagen haar deuren voor niet-leden om kennis te maken met de verschillende sporttakken.

Heb je vragen over het onderzoek? Neem dan contact op met Pepijn Geldof via p.geldof@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 010-24 29 315. De scriptie kun je hier downloaden of door te klikken op de button in het informatiemenu. Heb je vragen over het thema LHBTI-acceptie? Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Pepijn Geldof

Pepijn Geldof

verenigingsconsulent Accommodatie / projectcoördinator Vitale en toekomstbestendige sportverenigingen

Op basis van verschillende onderzoeken ontwikkelde NOC*NSF vier inzichten voor trainers: structureren, stimuleren, individueel aandacht geven en regie overdragen. In een nieuwe podcast vertelt Stephan Vos van Rotterdam Sportsupport – in het dagelijks leven jeugdtrainer bij ADO Den Haag – hoe je de vier inzichten als trainer direct kunt toepassen.

Meer podcasts luisteren?

Op deze pagina vind je een overzicht van al onze podcasts. Alle podcasts worden ook aangeboden op Soundcloud, Spotify, Stitcher en Itunes. Vergeet je niet te abonneren op onze kanalen om geen podcast meer te missen!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Marco van de Geer

Marco van de Geer

pedagogisch adviseur

Iedere vereniging wil graag dat ouders betrokken zijn. Zowel bij hun eigen kind als bij de vereniging. Deze betrokkenheid levert het kind én de club een hoop voordelen op. Maar hoe realiseer je ouderbetrokkenheid? En welke sleutelfiguren kunnen daar binnen de club mee aan de slag? Dat hoor je in deze podcast met Romy van der Heide. Je luistert de podcast hieronder.

Meer podcasts luisteren?

Op deze pagina vind je een overzicht van al onze podcasts. Alle podcasts worden ook aangeboden op Soundcloud, Spotify, Stitcher en Itunes. Vergeet je niet te abonneren op onze kanalen om geen podcast meer te missen!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Lennert van Driel

Lennert van Driel

communicatiemedewerker

In een reeks columns delen vloggers Romy & Steef hun praktijkervaringen als train(st)er. Deze keer: Romy over het omgaan met kinderen die druk gedrag vertonen.

Beluister de column hier:

Of lees de column hier:

“Je staat op het veld en na de warming-up leg je de volgende oefening uit. Eén van jouw spelers, laten we hem Daan noemen, is maar aan het wiebelen, kijkt overal naar behalve naar jou en kliert met de speler die naast hem staat. Je wordt er gek van. Kan hij nou niet één minuut stilstaan en luisteren?!
     In mijn periode als beginnend trainer liep ik ook ontzettend tegen het drukke gedrag van de Daans  in mijn team aan. Ook wanneer ik op de velden loop en in gesprek ben met trainers valt op dat zij het vaakst moeite hebben met het gedrag van de drukke spelers. Of dit nou spelers met ADHD zijn of niet: het drukke onrustige gedrag is wat de meeste trainers vaak als storend ervaren.

Invloed

Lees de laatste drie woorden van de alinea hierboven nog eens goed. Hier gaat het namelijk om, het drukke gedrag ís niet storend maar het wordt als storend ervaren. Dit is een belangrijk verschil. Kinderen zijn niet lastig, maar jij vindt het gedrag dat zij vertonen lastig.
     Als trainer heb je beperkte invloed op het gedrag van jouw spelers, maar je hebt wel 100% invloed op jouw eigen gedrag. Van de Daans in jouw team maak je geen rustige spelers die zich altijd netjes op jouw uitleg concentreren. Je hebt wel 100% invloed op jouw eigen gedrag. Hoe jij met de Daans uit jouw team omgaat, bepaalt in welke mate jij het gedrag als lastig ervaart.
    Er gebeurt zoveel in het hoofd van jouw drukke speler en er zit zoveel energie in zijn lichaam, dat moet er een keer uit. Als ze na een lange schooldag weer het veld op mogen is dat dus fantastisch! Vergelijk het drukke kind eens met een geschud blikje frisdrank. Geef het wat ruimte door het blikje open te maken en het frisdrank spuit eruit. Maar wat gebeurt er als je het blikje in een 1,5l fles overgiet? Je kan schudden wat je wil, maar draai de dop eraf en de frisdrank blijft netjes binnen de grenzen van de fles. Geef je speler dus wat meer vrijheid en ruimte binnen bepaalde grenzen en hij of zij kan zijn energie kwijt zonder dat het een puinhoop wordt.

“Er gebeurt zoveel in het hoofd van jouw drukke speler en er zit zoveel energie in zijn lichaam, dat moet er een keer uit.”

– Romy van der Heide –

Choose your battles

Zeg niet overal wat van, maar bewaak wel je eigen grenzen. Dat klinkt tegenstrijdig, maar bekijk het zo: is het écht nodig, dat als jij iets uitlegt iedereen helemaal stil staat en alleen naar jou kijkt? Of lukt een uitleg ook als er wat kinderen heen en weer wiebelen? Sommige kinderen luisteren écht beter als ze tegelijkertijd met iets anders bezig zijn, bijvoorbeeld als ze spelen met hun racket.  Als je verwacht dat ze stil zijn, niet bewegen en naar jou moeten kijken dan gaat er zoveel focus naar die drie ‘taken’ dat ze de uitleg niet goed verwerken. Door van bepaald gedrag even niks te zeggen, zorg je dat de training een stuk leuker wordt. Oók voor jou!

Overige tips

Hier nog wat tips om je training zo soepel mogelijk te laten verlopen, ook als je een paar Daans in je team hebt:

  • Bereid je trainingen voor, dan hoef je niet na te denken over een volgende oefening;
  • Blijf investeren in een positieve relatie met je spelers, geef veel complimenten;
  • Laat alle spelers bezig zijn, wachtende spelers gaan klieren;
  • Spreek voor de training af hoe je verwacht dat de speler zich gedraagt;
  • Geef de Daans in jouw team de taak om de verste pionnen op te ruimen.

Ik daag je uit om dit eens toe te passen en ik hoor graag hoe je dit hebt ervaren!”

Romy van der Heide is pedagogisch adviseur bij Rotterdam Sportsupport en actief als jeugdtrainster bij HC Delfshaven. Heb je vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan contact op met Romy via r.vanderheide@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 010 24 29 315. Bekijk hier de vlogs van Romy & Steef.

Eerder verschenen columns:

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Monique de Groot

Monique de Groot

projectcoördinator Sportplus

Seksueel misbruik, mentale of fysieke mishandeling. Het komt niet alleen voor in de turnsport en topsport, al lijkt het daar misschien wel op door de documentaire ‘Athlete A’ op Netflix en de verhalen die in de media verschenen. Romy van der Heide (pedagogisch adviseur) en Maaike Tieman (clubkadercoach turnen) gaan daarom in deze podcast in gesprek over grensoverschrijdend gedrag in de sport. Je luistert de podcast hieronder.

Meer podcasts luisteren?

Op deze pagina vind je een overzicht van al onze podcasts. Alle podcasts worden ook aangeboden op Soundcloud, Spotify, Stitcher en Itunes. Vergeet je niet te abonneren op onze kanalen om geen podcast meer te missen!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Miranda Monster

Miranda Monster

verenigingsconsulent Accommodatie

In een reeks columns delen vloggers Romy & Steef hun praktijkervaringen als train(st)er. Naar aanleiding van de actualiteit besteedt Romy in deze column aandacht aan grensoverschrijdend gedrag in de sport.

Beluister de column hier:

Of lees de column hier:

Grensoverschrijdend gedrag is gedrag waarmee de ander schade wordt toegebracht op fysiek, mentaal of emotioneel vlak. In mijn vorige column vertelde ik hier al wat over. Nu we ons steeds meer bewust zijn van mogelijk grensoverschrijdend gedrag willen veel trainers aan de slag om grensoverschrijdend gedrag te voorkomen. Een mooie eerste stap is het bespreekbaar maken van persoonlijke grenzen.

Grensoverschrijdend gedrag kan opzettelijk zijn en daar moet iemand meteen mee stoppen, maar als trainer kan je ook onopzettelijk grensoverschrijdend gedrag vertonen. Je bent je hier dan niet bewust van. Om onopzettelijk grensoverschrijdend gedrag te voorkomen kun je als trainer twee dingen doen: erachter komen waar de grens van jouw individuele spelers ligt en zorgen voor ruimte en een veilige sfeer zodat spelers hun grenzen ook daadwerkelijk aan kunnen én durven geven. Door het gesprek met jouw spelers aan te gaan kom je achter hun grenzen en zorg je voor een veilige en open sfeer binnen je team. Maar hoe voer je zo’n gesprek?

Geen hogere wiskunde

Met je spelers een gesprek aangaan over grenzen kan spannend zijn, maar je hoeft geen ingewikkelde gesprekstechnieken te beheersen. Met onderstaande do’s en don’ts en een voorbeeld uit de praktijk heb je na het lezen van deze column genoeg handvatten zodat je aan het begin van het nieuwe seizoen het gesprek over grenzen en grensoverschrijdend gedrag met jouw spelers aan kunt gaan.

    • Bereid je gesprek voor. Denk na over wat je wil zeggen en hoe je het gaat zeggen. Dan voel je je zekerder en wordt je verhaal duidelijker.
    • Benoem dingen zoals ze zijn, ga vage omschrijvingen uit de weg.
    • Stel jezelf kwetsbaar op, vertel dat je geen superkrachten hebt waardoor je weet wat iedereen wel en niet prettig vindt, dus dat je je spelers nodig hebt om jou dat te leren.
    • Houd rekening met de leeftijd, denk daarbij aan de lengte van het gesprek, welke voorbeelden je geeft etc. Een gesprek met pubers voer je op een andere manier dan wanneer je 8-jarigen traint.
    • Laat de vertrouwenscontactpersoon aansluiten bij het gesprek, zodat je meteen kan vertellen dat iedereen ook altijd bij die persoon terecht kan.
    • Voorkom dat jij als enige aan het woord bent. Zorg voor interactie, vraag je spelers bijvoorbeeld wat ze van het gesprek vinden.
    • Je spelers vertellen dat ze hun grenzen aan mogen geven, maar geen opties bespreken over hoe dat te doen. Het onderwerp ‘grenzen aangeven’ kan nieuw zijn voor spelers, dus bedenk en bespreek met elkaar alle opties om je grenzen aan te geven.
    • Aan je spelers vragen of er weleens iemand over hun grens heen is gegaan. Dit is vaak een gevoelig onderwerp waarover een kind niet zomaar even vertelt, zeker niet in een groep. Deze informatie is voor het doel van dit gesprek ook niet relevant.
    • Het gesprek pas aangaan wanneer er sprake is geweest van grensoverschrijdend gedrag. Bijvoorbeeld wanneer je tijdens de turntraining een kind hebt moeten vangen en je hand per ongeluk op een verkeerde plek kwam. Zorg dat je aan het begin van het seizoen dit gesprek aangaat om een veilige en open sfeer te creëren. Dat zorgt er ook voor dat, wanneer er per ongeluk iets gebeurt, je ook makkelijker het gesprek aan kan gaan.
    • Ouders niet informeren dat jij grenzen aangeven belangrijk vindt en met je spelers hierover het gesprek aangaat. De communicatie met de ouders van jouw spelers is het hele seizoen door belangrijk. Ook over dit onderwerp. Zijn ouders geïnteresseerd en willen ze dit thuis ook bespreken? Verwijs hen dan naar het boekje ‘Nee is oké’.

Het gesprek in de praktijk

Zoals ik in mijn vorige column schreef raak ik snel iemand aan, maar ik realiseer mij dat niet iedereen dat altijd oké vindt. Aan het begin van het seizoen ga ik hierover met mijn spelers in gesprek. Dat ziet er zo uit:

De training begint en zoals altijd roep ik de groep bij elkaar in de dug-out. Ik vertel dat ik het wil hebben over grenzen en grensoverschrijdend gedrag. Ik leg uit dat iedereen anderen grenzen en voorkeuren heeft en dat niemand over jouw grenzen heen mag gaan, dat is namelijk grensoverschrijdend gedrag. Ik train een groep 11-jarigen dus als voorbeeld schets ik een situatie waarin een teamgenoot altijd een knuffel wil geven, maar jij daar geen zin in hebt. Ik vervolg mijn voorbeeld met uitleggen dat dat een grens is en ze hun teamgenoot mogen vertellen dat ze niet wil knuffelen, maar bijvoorbeeld een high five wil geven.

Dan haal ik het gesprek terug naar mezelf. Ik leg uit dat ik soms een speler aanraak om voeten goed te zetten of een arm om iemand heen sla als iemand verdrietig is. Ik vertel hen dat ik geen ‘superkrachten’ heb, dus dat ik het niet kan ruiken als iemand dat niet prettig vindt en ik wil dat ze het altijd aangeven als ze iets niet fijn vinden. Ik vind dat nooit stom of lastig, maar juist superstoer en fijn want ik heb hun hulp nodig. Vervolgens vraag ik mijn spelers op wat voor manieren je iemand kan wijzen op jouw grenzen en bedenken we met de groep een aantal manieren.

Uitproberen

De training na ‘het gesprek’ weigert één van je spelers jou opeens te groeten met een high five. Let op, want dit is het moment waarop jij jouw speler een waardevolle les kan leren! Na een gesprek over grenzen aangeven kan het voorkomen dat (vooral jonge) spelers gaan uittesten of je hun grenzen inderdaad wel respecteert. Dit doen ze vaak met iets onbenulligs. In zo’n situatie is het onverstandig om van je speler te verwachten het toch te doen, want ‘het is maar een high five’. Hiermee leer je je speler dat er toch over zijn grens mag worden gegaan. Dat is natuurlijk niet wat je met je gesprek heb willen bereiken. Geef het even de tijd. Spreek uit dat je wel verwacht dat de speler je wel komt groeten door gedag te komen zeggen. Die high five komt wel weer terug en dan heb je je speler een waardevolle les geleerd.

Met het bespreekbaar maken van persoonlijke grenzen heb je een belangrijke eerste stap gezet in het creëren van een veilig sportklimaat waarin kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen.

Luistertip

Naar aanleiding van de actualiteit is ook een podcast opgenomen over dit thema. Romy gaat samen met collega Maaike Tieman, clubkadercoach turnen, in gesprek over grensoverschrijdend gedrag in de sport. Wil je meer voorbeelden en handvatten om in je trainingen aan de slag te gaan met een veilig sportklimaat? Luister dan de podcast via Soundcloud, Spotify, Stitcher of iTunes.

Vragen?

Heb je naar aanleiding van deze column vragen of heb je hulp nodig? Óf ben je benieuwd wat je nog meer kunt doen om te werken aan een veilig sportklimaat? Neem dan contact op met Romy via r.vanderheide@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 010 24 29 315. Bekijk hier de vlogs van Romy & Steef. Romy van der Heide is pedagogisch adviseur bij Rotterdam Sportsupport en actief als jeugdtrainster bij HC Delfshaven.

Eerder verschenen columns:

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Marion den Elsen

Marion den Elsen

secretaresse

In de podcasts van Rotterdam Sportsupport gaat Etiënne Verhoeff in gesprek met een medewerker van Rotterdam Sportsupport of een externe expert aan de hand van interessante of actuele onderwerpen voor sportbestuurders, trainers en andere kaderleden. In deze aflevering gaan collega’s Romy van der Heide en Maaike Tieman in gesprek over grensoverschrijdend gedrag in de sport.

Seksueel misbruik, mentale of fysieke mishandeling. Het komt niet alleen voor in de turnsport en topsport, al lijkt het daar misschien wel op door de documentaire ‘Athlete A’ op Netflix en de verhalen die de afgelopen periode in de media verschenen. Romy van der Heide (pedagogisch adviseur) en Maaike Tieman (clubkadercoach turnen) gaan daarom in deze podcast in gesprek over grensoverschrijdend gedrag in de sport. Je luistert de podcast hieronder.

Meer podcasts luisteren?

Op deze pagina vind je een overzicht van al onze podcasts. Alle podcasts worden ook aangeboden op Soundcloud, Spotify, Stitcher en Itunes. Vergeet je niet te abonneren op onze kanalen om geen podcast meer te missen!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Karin Boeser

Karin Boeser

verenigingsconsulent Organisatie en Vrijwilligers / projectcoördinator Schiedam

Sinds april 2019 neemt Rotterdam Sportsupport deel aan het project ‘proeftuinen clubkadercoaching’ van NOC*NSF. Een clubkadercoach helpt verenigingen met het opzetten, uitvoeren en borgen van trainersbegeleiding. Dit draagt bij aan een positieve sportcultuur bij verenigingen waarin trainers en coaches naast sporttechnisch ook in pedagogisch en didactisch opzicht bekwaam zijn. Deze vaardigheden zorgen ervoor dat jeugdleden meer sportplezier ervaren en zich nóg beter kunnen ontwikkelen.

Waarom clubkadercoaching?

Plezier en ontwikkeling zijn de belangrijkste factoren om te gaan sporten en om te blijven sporten. De trainers en coaches spelen een cruciale factor in het sportplezier van het kind. Daarnaast heeft de club een verantwoordelijkheid om goed voor hun leden/vrijwilligers, in dit geval trainers en coaches, te zorgen. Veel trainers en coaches die geen echte trainersopleiding hebben worstelen naast de technische kant ook met de pedagogisch-didactische kant van het trainerschap. Hoe spreek je een groep sporters aan? Hoe houd je een groep sporters actief? Hoe zorg je dat ze iets leren? Maar vooral… hoe zorg je voor het plezier bij de sporters? 

Rotterdam Sportsupport erkent de enorme waarde van sportverenigingen met een positieve sportcultuur: sociaal veilig, inclusief en pedagogisch sterk. Dat vraagt om trainers en coaches die niet alleen sportinhoudelijk verstand van zaken hebben, maar juist ook in pedagogisch-didactisch opzicht bekwaam zijn. Een clubkadercoach ondersteunt verenigingen daarom met het opzetten, uitvoeren en borgen van trainersbegeleiding.

Een clubkadercoach ondersteunt gedurende één à twee seizoenen bij het opzetten en ‘normaal maken’ van trainersbegeleiding. De clubkadercoach zorgt dat na zijn of haar vertrek deze rol wordt overgenomen door trainersbegeleiders van de club zelf. De clubkadercoach is hiermee een belangrijke sleutel voor het verkrijgen van meer vitale sportverenigingen met een positieve sportcultuur. Clubkadercoaching heeft dan ook een prominente plek in het Nationaal Sportakkoord.

Clubkadercoaching in Rotterdam

Impressievideo clubkadercoaching in Rotterdam

In Rotterdam nemen acht verenigingen in vier verschillende takken van sport deel aan de pilot clubkadercoaching (voetbal, turnen, volleybal en atletiek). Onze clubkadercoaches begeleiden binnen deze clubs 153 trainers, die hierdoor meer pedagogische, didactische en sporttechnische handvatten krijgen om hun trainingen vorm te geven. Ruim 3000 Rotterdamse jeugdsporters profiteren van het feit dat hun trainers met meer handvatten hun trainingen geven, waardoor zij zelf met meer plezier kunnen sporten.

‘Wij merken in de praktijk dat goede trainers essentieel zijn om sportplezier te stimuleren en daarmee bij te dragen aan de binding en ontwikkeling van jeugd op de sportvereniging. Desondanks is er bij een aanzienlijk deel van de verenigingen te weinig structurele aandacht voor opleiden en begeleiden van trainers. Hier gaan we binnen Clubkadercoaching mee aan de slag!’

Gert-Jan Lammens

In een online magazine nemen onze Rotterdamse clubkadercoaches je mee in de rol van een clubkadercoach en kijken we terug op een jaar clubkadercoaching in Rotterdam. Wat zijn de belangrijkste learnings en succesfactoren? De pilot clubkadercoaching is vanwege de coronacrisis voor zes van de acht verenigingen met drie maanden verlengd tot eind november 2020.

Deelnemende verenigingen

Meer informatie? Neem contact op met onze coördinator clubkadercoaching Ineke Kalkman.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Carmen Barranco

Carmen Barranco

projectmedewerker Veilige sportverenigingen met sterkte jeugdafdelingen

In een reeks columns delen vloggers Romy & Steef hun praktijkervaringen als train(st)er. Deze keer: Steef over het organiseren van het nieuwe seizoen. Van het creëren van een veilige sportomgeving tot het maken van een gestructureerde planning.   

Beluister de column hier:

Of lees de column hier:

“In de eerdere columns verwezen we al naar het creëren en bewaken van de cultuur binnen de vereniging aan de hand van het boek ‘Legacy’. Ook is er een column verschenen met praktische tips voor het trainen van kleuters. Stuk voor stuk handige ingrediënten voor een leuk sportseizoen. Een seizoen dat voor veel sportverenigingen al start in augustus/september. Je krijgt als trainer de verantwoordelijkheid om een volledig seizoen een groep sporters te begeleiden.

Maar hoe pak je dat planmatig aan, zo’n nieuw seizoen?

Doelgroep

Het begint met het bepalen van een doel: wat wil je komend seizoen uiteindelijk bereiken? Beschrijf daarom voor jezelf wat je de sporters gaat aanleren en hoe je dat wil doen. Bedenk goed wat ze (nog) kunnen leren en wat ze móeten leren. Hierin is het van belang dat je jouw doelgroep goed kent en dat je weet hoe je ze kunt helpen in hun ontwikkeling.
    Belangrijk is dat je een veilige sfeer creëert waarin iedereen zichzelf kan zijn. Jij bent hierin een belangrijke schakel, want jij bent bepalend voor de sfeer op trainingen, wedstrijden en bij andere activiteiten. In welke bewoordingen uit je jezelf? En wat straal je non-verbaal uit? Je houding als trainer moet passen bij de doelgroep en het eerder bepaalde doel. Bespreek dit ook met eventuele assistent-trainers.

“Het begint met het bepalen van een doel: wat wil je uiteindelijk bereiken komend seizoen? Beschrijf daarom voor jezelf wat je de sporters gaat aanleren en hoe je dat wil doen.”

– Stephan Vos –

Proces

De ontwikkeling van een kind gebeurt niet van de ene op de andere dag. Het is een proces. Je werkt het hele seizoen toe naar het eerder bepaalde doel. Door kleine en haalbare stappen te maken zorg je ervoor dat de oefenstof blijft hangen. Dit proces kun je opsplitsen in blokken waarin je de kleinere doelstellingen oefent en bespreekt.
     Zelf gebruik ik graag een Excel-bestand. Hierin maak ik voor het hele jaar een planning. Zo houd ik overzicht over hoe het jaar verloopt, wanneer de wedstrijden zijn, de schoolvakanties of feestdagen. Door in blokken te werken, maak ik de kleine stapjes in de ontwikkeling van de sporters zichtbaar en overzichtelijk.
     Het seizoen duurt vaak tien maanden. Hiervan zijn twee tot vier weken in december/januari ingenomen door een winterstop. Tot aan de winterstop heb je grofweg 22 weken met trainingen en wedstrijden. Mijn advies: maak van deze weken blokken van 11 x 2 weken (of 7 x 3 weken + 1 neutrale / 5 x 4 weken + 2 neutrale). Beschrijf per blok het kleinere doel dat je die weken wil trainen en ook wil laten terugkomen in wedstrijden. Deze wedstrijden zijn een toetsmoment van de oefenstof op de training. Na dit blok volgt een evaluatie, eventueel samen met je assistent(en).

Een voorbeeld van deze planning download je hier.

Eigenaar

Maar het is nog beter om deze ontwikkeling met de sporters zelf te bespreken, zodat zij eigenaar worden van hun ontwikkelingsproces. Na de winterstop heb je ongeveer 21 à 22 weken om het eerste gedeelte van het seizoen beter uit te voeren. Het blijft wel belangrijk dat de kleine doelstellingen logische stappen hebben in dat ontwikkelproces. In de planning kun je dan ook je trainingen nummeren zodat je ziet hoeveel trainingen je nodig hebt om aan een bepaalde doelstelling te werken. Per training kun je eventueel ook het programma beschrijven.
     Je zal merken dat je voor de ene doelstelling langer de tijd nodig hebt dan voor het andere. Neem die tijd er dan ook voor. Naast de trainingen en wedstrijden kunnen ook teamuitjes, verjaardagen of bijvoorbeeld toernooien erin verwerkt worden. Op deze manier blijf je werken aan de onderlinge sfeer in samenwerking met jouw sporters.

Heel veel succes en plezier toegewenst het komende seizoen!”

Stephan Vos is projectmedewerker Veilige Verenigingen met sterke Jeugdafdelingen bij Rotterdam Sportsupport. Al bijna twintig jaar is hij in het (Rotterdamse) voetbal actief als jeugdtrainer. Tegenwoordig coacht hij het vrouwenbeloftenelftal van ADO Den Haag. Heb je vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan contact op met Stephan via s.vos@rotterdamsportsupport.nl of bel naar 06 22 64 02 26. Bekijk hier de eerdere vlogs van Romy & Steef.

Eerder verschenen columns:

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Laurens Verbaan

Laurens Verbaan

projectcoördinator Schoolsportvereniging

Kinderen en jongeren mogen vanaf volgende week weer in de buitenlucht georganiseerd sporten. Maar waar moet je als trainer en club rekening mee houden? Hoe zet je je training neer, waar bereik je je doelgroepen en hoe zet je geschikte trainers in op deze doelgroepen? Collega Stephan Vos schuift dinsdag 28 april om 13:00 aan bij een webinar van Sportbedrijf Rotterdam. Hij geeft tips hoe jij als trainer jouw training nu, maar ook straks doelgericht kan organiseren. Je kunt de webinar bekijken door je aan te melden voor de besloten Facebookgroep
Sportbedrijf Rotterdam #teamworkout.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Shanna Levenswaard

Shanna Levenswaard

projectmedewerker

Nu je je sporters opeens niet meer wekelijks op het veld of in de zaal ziet, is jouw rol als trainer of coach sterk veranderd. In dit artikel geven we je tips en tricks voor deze periode: wat kun je tijdens deze periode wél doen als trainer of coach om in contact te blijven met je sporters en hoe blijf je jezelf te ontwikkelen?

Jezelf ontwikkelen

Het kan zijn dat je deze periode meer tijd hebt gekregen door het wegvallen van de trainingen. Dan is dit een mooi moment om jezelf verder te ontwikkelen als trainer of coach. Daardoor heb je straks nóg meer plezier in het geven van je trainingen. En dat straalt af op je sporters: zij volgen dan met nóg meer plezier jouw trainingen.

  • Sportplezier: als trainer of coach breng jij sporters de basis van je sport bij. Maar kinderen leren meer van hun trainer of coach. Je speelt bewust of onbewust ook een rol in de opvoeding, je vervult een voorbeeldfunctie en je bepaalt grotendeels de sfeer. Op de website van Sportplezier vind je leuke artikelen en video’s om hier meer over te leren.
  • Omgaan met lastig gedrag kan een grote uitdaging vormen tijdens het geven van je trainingen. Misschien helpt dit overzicht je om lastig gedrag bij je sporters beter te begrijpen en ermee om te gaan. Ook lees je tips om te reageren op lastig gedrag.
  • Romy en Steef, trainers op dreef: in deze vlogserie gaan collega’s Romy en Steef elke maand langs bij prominente (Rotterdamse) trainers om praktische tips op te halen. Kijk deze vlogs dus vooral als je zoekt naar nieuwe inspiratie voor het geven van jouw trainingen.
  • Zoek op Youtube eens naar interessante video’s over training geven en coachen. Tip: zoek op de termen webinar, seminar of masterclass in combinatie met de naam van jouw sport. Houd hierbij wel de volgende vraag in je achterhoofd: hoe kan ik dit toepassen bij mijn groep sporters? Leeftijd, niveau, sport en geslacht zijn namelijk bepalend voor hoe jij de stof kunt toepassen in je eigen trainingen.
  • Houd je meer van lezen? Dan zijn er ook genoeg boeken te vinden over lesgeven en coachen. Tip: de boeken van Toon Gerbrands. Hij schreef bijvoorbeeld een inspiratieboek over coachen en presteren en leert je de kunst van het coachen. Daarnaast kun je de Correspondent volgen op Twitter. De Correspondent deelt vaak goede artikelen over coachen en lesgeven.
  • Vier inzichten over trainerschap: tijdens deze cursus, die door Rotterdam Sportsupport ook gegeven wordt, breng je je sterke punten en ontwikkelpunten in kaart en kijk je naar jezelf als trainer. Het geeft veel praktische handvatten om een veilig en plezierig sportklimaat te creëren voor sporters. Momenteel gaan de trainingen over vier inzichten niet door op locatie vanwege de genomen maatregelen rondom het coronavirus, maar de cursussen kunnen ook online gegeven worden. Wil jij graag (kosteloos) de training vier inzichten volgen bij jouw club? Neem dan contact op met s.vos@rotterdamsportsupport.nl. Of ga thuis aan de slag door deze video te bekijken en dit boekje te gebruiken om meteen aan de slag te gaan met je eigen sterke punten en ontwikkelpunten.
  • Tot slot: durf jezelf kwetsbaar op te stellen. Vraag spelers, ouders of andere trainers hoe zij jou dit seizoen hebben ervaren. Wat deed je goed of vonden ze fijn? En wat zien ze graag anders? Vraag dit aan mensen die je vertrouwt. Kijktip: TEDX video van Brené Brown over de kracht van kwetsbaarheid.

Contact houden met je sporters

Ondanks dat je je sporters nu niet elke week fysiek ziet, kun je wel contact blijven houden. Enerzijds om ze in beweging te houden, anderzijds om het sociale contact te behouden. Bovendien is het een goede manier om eventuele (zorg)signalen van je sporters op te pikken. In dit artikel lees je daar meer over.

  • Online lesgeven: er zijn veel tools die je kunt gebruiken om je lessen online te geven (in dit artikel lees je welke tools je zou kunnen gebruiken). Natuurlijk zal zo’n training anders zijn dan een normale training. We kunnen ons voorstellen dat het geven van een online training lastiger is omdat je bijvoorbeeld weinig materialen of niet voldoende ruimte tot je beschikking hebt. Het is daarom als trainer vooral belangrijk dat je van tevoren goed bedenkt wat je wil trainen met je sporters. Dat kan een stukje kracht, conditie en basis zijn, maar het is wel belangrijk dat er kleine aspecten van de eigen sport in verweven zitten zodat de sporters uitgedaagd en gemotiveerd blijven. Stel daarnaast niet al te hoge verwachtingen. De sporters zullen nooit helemaal sportspecifiek fit worden omdat ze niet in dezelfde omgeving zijn. Tip: houd voor de online training de vaste trainingstijd aan om op die manier de structuur voor de sporters vast te houden.
  • Organiseer leuke andere online activiteiten met je sporters. Bijvoorbeeld een quiz of een bingo. Het is nu een mooie tijd om ook iets anders te doen dan je eigen sport. Tip: betrek je sporters hierbij. Laat ze meedenken over een quiz of een spel. Dan blijven ze betrokken en komen ze vaak met de leukste ideeën.
  • En tot slot: gebruik groepsapps en social media om in contact te blijven met je sporters. Er zijn al veel leuke initiatieven van verenigingen waar leuke challenges rond gaan op de social media kanalen. Zo blijf je toch een beetje verbonden. In deze artikelen vind je voorbeelden hoe clubs hun leden uitdagen in beweging te blijven en hoe ze tóch verenigen tijdens de coronatijd.

Planning en organisatie

Deze periode kan een mooie tijd zijn om je administratie weer helemaal goed op orde te brengen. Hoe was bijvoorbeeld afgelopen tijd de trainersopkomst? Hoe ziet de groep er volgend jaar uit? En kijk alvast eens vooruit. Schrijf je jaar vast uit, noteer de vakanties, de feestdagen, de trainingsdagen, de vrije dagen. Deel je jaar vervolgens in in blokken waarin je bepaalde thema’s of doelstellingen wil trainen. Als je vooruit kan kijken geeft dit duidelijkheid voor jezelf, maar ook voor de mensen om je heen.

Heb jij nog meer leuke voorbeelden of ga je aan de slag met de inspiratie uit dit artikel? Tag ons dan op social media zodat we jouw initiatief kunnen delen!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Percy Isenia

Percy Isenia

verenigingsconsulent Leden en consulent Toeleiden

Nu de sportverenigingen vanwege de coronamaatregelen dicht zijn, is er geen fysiek contact met (jeugd)leden, ouders en vrijwilligers. Voor de vertrouwenscontactpersoon (VCP) op de club is het daarom moeilijker om (zorg)signalen op te pikken. Terwijl dit een grote risicoperiode is. Toch kun je als VCP juist in deze tijd van betekenis zijn.

De sportvereniging is normaliter, evenals school of kinderopvang, een belangrijke ‘vindplaats’ voor (zorg)signalen. Trainers en andere vrijwilligers horen en zien veel waar het gaat om het welzijn van (jeugd)leden. De vertrouwenscontactpersoon (VCP) is er dan als aanspreekpunt en luisterend oor. Deze rol is in deze coronaperiode extra belangrijk en van betekenis.

Wat zijn de risico’s?

Binnen de jeugdhulpverlening bestaan er risicoperiodes voor huiselijk geweld en kindermishandeling. Dat zijn vakanties of lange weekenden, wanneer gezinnen dicht op en bij elkaar leven, er minder contact is met andere volwassenen en er weinig regelmaat is in het leven van een kind/gezin. Als daar dan ook nog onzekerheid aanwezig is of ontstaat rondom relaties, financiën en/of toekomst gaat het risico voor huiselijk geweld omhoog.

Door de uitbraak van het coronavirus en de daarop genomen maatregelen zijn er ook nog grote collectieve stressfactoren bijgekomen: angst, kwetsbare gezondheid, eenzaamheid en onzekerheid over de toekomst.

Wat kun je als vertrouwenscontactpersoon doen?

Hoe kun je als VCP (vertrouwenscontactpersoon) binnen de sportvereniging in deze tijd van betekenis zijn?

  • Wees extra alert op signalen uit je omgeving die erop duiden dat de spanning te hoog oploopt voor een gezin en/of kinderen.
  • Let niet alleen op nieuwe signalen maar kijk ook eens wat je kan doen met/voor kinderen die misschien al bij jou op de radar waren voordat de vereniging dichtging.
  • Blijf met ouders in gesprek en vraag of ze iets nodig hebben, uiteraard via de telefoon of in een videogesprek. Vaak kan een gesprek al even wat ruimte geven en het (goede) gevoel geven dat er aandacht voor hen is.
  • Zorg dat je als vertrouwenscontactpersoon zichtbaar en vindbaar bent: zet je contactgegevens prominent op de website van de club of in huidige correspondentie. Of neem bijvoorbeeld een persoonlijk filmpje op dat rondgestuurd kan worden.
  • Blijf in contact met de clubtrainers en moedig ze aan om op hun beurt weer contact te blijven houden met hun spelers. Maak ze ervan bewust dat ze eventuele lichte zorgen of onderbuikgevoelens alsnog bespreekbaar maken met de vertrouwenscontactpersoon. De VCP kent, vooral bij grotere verenigingen, lang niet alle spelers. De trainers wel.

Waar kun je als vertrouwenscontactpersoon terecht?

  • In dit artikel lees je waar je terecht kunt als je denkt dat een kind of ouder hulp nodig heeft.
  • De gemeente Rotterdam heeft in deze periode extra aandacht voor kwetsbare gezinnen, kinderen en partners waar huiselijk geweld en kindermishandeling spelen of op de loer liggen. Er zijn initiatieven als Whatsappcontact met Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond, een meldpunt kwetsbare kinderen, extra beroep op wijkteams en de inzet van sociale hulpdiensten. In deze speciale nieuwsbrief lees je meer over de inzet van verschillende welzijnsorganisaties.
  • Mocht je als vertrouwenscontactpersoon van de sportvereniging willen sparren, advies of ondersteuning wensen of zorgen willen delen? Zoek dan, ook bij twijfel, contact met de pedagogisch adviseurs van Rotterdam Sportsupport (zie hieronder).

Contact met pedagogisch adviseurs Rotterdam Sportsupport

➡️ Voor sportverenigingen aan de noordkant van Rotterdam:
Romy van der Heide (Pedagogisch Adviseur):
06 27405097 / r.vanderheide@rotterdamsportsupport.nl

➡️ Voor sportverenigingen aan de zuidkant van Rotterdam en in Hoek van Holland, Rozenburg, Hoogvliet en Pernis:
Marco van de Geer (Pedagogisch Adviseur):
06 41544327 / m.vandegeer@rotterdamsportsupport.nl

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Dirk Sparidans

Dirk Sparidans

clubkadercoach Volleybal

In de podcasts van Rotterdam Sportsupport gaat Etiënne Verhoeff in gesprek met een medewerker van Rotterdam Sportsupport of een externe expert aan de hand van interessante of actuele onderwerpen voor sportbestuurders, trainers en andere kaderleden. In deze aflevering bespreekt Romy van der Heide het thema ouderbetrokkenheid.

Iedere vereniging wil graag dat ouders betrokken zijn. Zowel bij hun eigen kind als bij de vereniging. Deze betrokkenheid levert het kind én de club een hoop voordelen op. Maar hoe realiseer je ouderbetrokkenheid? En welke sleutelfiguren kunnen daar binnen de club mee aan de slag? Dat hoor je in deze podcast met Romy van der Heide. Je luistert de podcast hieronder.

Meer podcasts luisteren?

Op deze pagina vind je een overzicht van al onze podcasts. Alle podcasts worden ook aangeboden op Soundcloud, Spotify, Stitcher en Itunes. Vergeet je niet te abonneren op onze kanalen om geen podcast meer te missen!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Liana Landman

Liana Landman

projectleider Vitale sportverenigingen / verenigingsconsulent Accommodatie en Organisatie

Positief, prikkelend, stimulerend en mét energie! Zo werken wij aan meer diversiteit in de sport; in besturen, management en als coaches, scheidsrechters, leden en andere (top)functies binnen sportverenigingen en -organisaties.

Wat verstaan we onder diversiteit en inclusie? 

Diversiteit gaat over ‘de mix’, de verschillen. Het zijn van een goede afspiegeling van de club/wijk/stad, in aantallen of percentages. Denk aan verhouding man/vrouw, verschillende achtergronden en leeftijden, LHBTI (lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgender-  en interseks personen), mensen met een beperking, etc. Diversiteit brengt verschillende opvattingen en werkstijlen met zich mee. 

Inclusie gaat over hoe we met die verschillen omgaan. Over gedrag en waarden. Als je alleen aandacht geeft aan het vergroten van de diversiteit in een team of organisatie en niets doet aan het verbeteren van inclusie, dan is de kans groot dat er meer conflicten komen en/of nieuw en ander talent weer uitstroomt. Omdat zij zich niet thuis voelen, niet gezien worden, hun kwaliteit niet volledig kunnen inzetten. Inclusie is mensen werkelijk betrekken, opnemen in de groep. De juiste balans creëren met verschillende individuen. 

Voordelen van een divers bestuur en inclusie: 

  • Leden van clubs identificeren zich makkelijker met het bestuur. Meer herkenning en draagvlak. 
  • Ieder individu voegt iets anders toe. Een meer divers bestuur heeft meer inzichten/perspectieven, meer expertise, meer creativiteit en een nieuwe dynamiek tot gevolg. Een dergelijk bestuur kan flexibeler reageren op een turbulente en veranderende sportomgeving. 
  • Jongeren, vrouwen, etc. vinden makkelijker hun weg naar bestuursfuncties en houden dit langer vol. De diverse talenten zien en het benutten ervan is van groot belang voor het ontwikkelen en behouden van deze doelgroep. 
  • Uit onderzoek is gebleken dat besturen (mannen en vrouwen) zelf vinden dat ze beter functioneren wanneer er ongeveer evenveel mannen als vrouwen in vertegenwoordigd zijn. 

Rotterdams Netwerk voor Vrouwen in de sport 

Het Rotterdams Netwerk voor Vrouwen in de sport werkt aan meer diversiteit en inclusie in de sport, primair gericht op vrouwen. In deze groep kan iedereen inspiratie delen, acties of bijeenkomsten initiëren, nieuwe mensen uitnodigen, enthousiasmeren en verbinden. Het doel: samen voor meer vrouwen in de sport! Erna Truijens (o.a. bestuurslid bij Hockeyclub Rotterdam) en Marita Verkaik (manager bij Rotterdam Sportsupport) zijn de vrijwilligers die dit initiatief aanjagen. Lees hier meer over dit netwerk. 

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Shanna Levenswaard

Shanna Levenswaard

projectmedewerker

Ruim negen op de tien verenigingen in Rotterdam noemt zichzelf vitaal. Op de vitaliteitsindex scoren verenigingen gemiddeld een 79 (schaal van 0-100). Dat blijkt uit het vitaliteitsonderzoek van Rotterdam Sportsupport. Dit jaar vulden 201 verenigingen de vragenlijst in.

Het jaarlijkse vitaliteitsonderzoek helpt Rotterdam Sportsupport haar dienstverlening en projecten te versterken, zodat deze nog beter aansluiten bij de behoeftes van de verenigingen en we verenigingen zodoende nog gerichter kunnen ondersteunen. In het onderzoek reageerden bestuursleden op stellingen over accommodatie, financiën, organisatie en structuur, leden, vrijwilligers en veilig sportklimaat. Een overzicht:

Accommodatie
Knelpunten omtrent de accommodatie worden het meest genoemd door de verenigingen (17%). Ook geeft een derde aan de accommodaties te willen verbeteren of uit te breiden. Doordat vraagstukken rondom dit thema veelal complex zijn en maatwerk betreffen, wordt per situatie gekeken op welke manier we ondersteuning kunnen bieden. De gebiedscoördinator kan jouw vereniging desgevraagd bijstaan.

Financiën
Verenigingen zeggen beter in staat te zijn geld te reserveren voor onderhoud en investeringen (70%) dan in 2018 (59%). Ook geven kleine verengingen aan dat het innen van contributie gemakkelijker af gaat (83% van de kleine verenigingen versus 63% procent van de grote verenigingen). Verder geeft ruim de helft van de verenigingen aan moeite te hebben met het binden van sponsoren. Op donderdag 12 december behandelen we het onderwerp sponsoring tijdens de Grow 010 Challenge. Lees hier meer.

Heeft jouw vereniging behoefte aan andere ondersteuning op dit thema? Neem dan contact op met jouw gebiedscoördinator.

Organisatie en structuur
Ruim zeven op de tien clubs zegt in staat te zijn in te spelen op maatschappelijke veranderingen. Kleinere verenigingen geven aan hier nog minder goed klaar voor te zijn. Bij grotere verenigingen zien we ook vaker dat er een duidelijke organisatiestructuur is geïmplementeerd en dat de club over een actueel beleidsplan beschikt.
Het komende jaar gaat Rotterdam Sportsupport aan de slag met nieuwe bestuursvormen en stijlen die het makkelijker maken om als bestuurder de organisatie van de vereniging te ‘draaien’. Inspiratie hiervoor vinden we bij verenigingen die nu al vernieuwend organiseren.

Leden
Rotterdam kent een grote diversiteit aan verenigingen. Ook op ledenaantal. Gemiddeld hebben de deelnemende verenigingen een ledenaantal van 340, uiteenlopend van clubs met 15 leden tot wel 2.500. De meeste verenigingen geven dan ook aan in staat te zijn om nieuwe leden te werven. Daarbij geven verenigingen aan beter in staat te zijn hun leden te behouden (85%). Dit is een stijging ten opzichte van vorig jaar toen 80% van de clubs aangaf in staat te zijn om leden te behouden. We moeten helaas wel concluderen dat kleine verenigingen vaker aangeven dat het aantal leden onvoldoende is voor een toekomstbestendige vereniging (21%). Om kleine verenigingen (minder dan 200 leden) te helpen met ledenwerving hebben we het Fonds Kansen voor de Sport ingericht. Lees hier meer.

Veilig Sportklimaat
De meeste verenigingen kijken positief naar het hebben van een veilig sportklimaat. Gezien de omvang van het thema en de vele onderwerpen, zien we nog wel ruimte voor verbetering. We zijn dan ook blij om te zien dat veel verenigingen hebben aangegeven het aankomende jaar een of meerdere onderwerpen te willen oppakken. Vooral de onderwerpen ouderbetrokkenheid, oog voor problemen van jeugdleden en waarden- en normenbeleid worden door veel verenigingen genoemd om mee aan de slag te gaan.

Heeft jouw verenging behoefte aan ondersteuning op Veilig Sportklimaat of vragen over dit thema, bijvoorbeeld op gebied van ouderbetrokkenheid, het signaleren van zorgsignalen of seksueel overschrijdend gedrag? Neem dan contact op met jouw gebiedscoördinator.

Tevredenheid
Met een 7,7 als tevredenheidscijfer geven de clubs aan zeer tevreden te zijn over de inzet van Rotterdam Sportsupport. Het merendeel van de verenigingen heeft dan ook geen verbeterpunten en ziet graag dat Rotterdam Sportsupport haar werkzaamheden op deze manier blijft doorzetten. De verenigingen die wel verbeterpunten noemen, willen voornamelijk vaker en proactiever contact met Rotterdam Sportsupport.

Op dinsdagavond 10 december 2019 organiseren we een spiegelbijeenkomst voor verenigingen die met ons willen meedenken over ons programma en ondersteuning. Wil je met ons meedenken om de kracht van verenigingen te vergroten? Aanmelden kan door een e-mail te sturen naar y.celik@rotterdamsportsupport.nl.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Marco van de Geer

Marco van de Geer

pedagogisch adviseur

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Maarten Niggebrugge

Maarten Niggebrugge

projectleider Schoolsportvereniging

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Wilco Hameetman

Wilco Hameetman

verenigingsconsulent Hillegersberg-Schiebroek, Overschie en Prins Alexander

Rotterdam Sportsupport is als een kennis- en sparringpartner en ondersteuner in de uitvoering betrokken bij het Rotterdams netwerk voor vrouwen in de sport. Dit netwerk is een initiatief van Erna Truijens en Marita Verkaik. In navolging op 2019 bevragen wij in 2020 Rotterdamse sportverenigingen op diversiteit in het bestuur en stimuleren en ondersteunen wij verenigingen om meer vrouwen actief te krijgen in vooral bestuurs- en managementfuncties. 

Wie wij zijn?

Wij zijn Erna Truijens en Marita Verkaik, initiatiefnemers van het Rotterdams netwerk voor vrouwen in de sport (ook voor mannen!). Met groot plezier dragen wij bij aan het sportverenigingsleven. Erna vooral bij Hockeyclub Rotterdam en de stichting Hockey voor iedereen. Marita bij korfbalvereniging Korbatjo in Oud-Beijerland en de stichtingen Sportraad Hoeksche Waard en Rotterdam Sportsupport. Begin 2018 hebben we elkaar ontmoet en in juni van dat jaar bleek, na een gesprek met nog tien andere vrouwen uit de Rotterdamse sportwereld, dat we onze krachten wilden bundelen ten behoeve van meer vrouwen in de sport. Omdat we het zonde vinden dat relatief weinig vrouwen bij sportverenigingen actief zijn in bestuurs-, management- en andere (top)functies, zoals coaches en scheidsrechters. Het initiatief werd geboren!

Wat motiveert ons?

Wij geloven in de kracht van diversiteit, vrijwilligers én verbinden. Ook in de sport! Rechtvaardigheid vinden we belangrijk maar bovenal een positieve benadering. Positief, prikkelend, stimulerend en mét energie werken wij aan meer diversiteit en inclusie in de sport, primair gericht op vrouwen.

Wat verstaan we onder diversiteit en inclusie? Diversiteit gaat over ‘de mix’, de verschillen. Het zijn van een goede afspiegeling van de club/wijk/stad, in aantallen of percentages. Denk aan o.a. verhouding man/vrouw, verschillende achtergronden en leeftijden, lesbische vrouwen en homoseksuele mannen, mensen met een beperking. Diversiteit brengt verschillen in opvattingen en werkstijl met zich mee.

Inclusie gaat over hoe we met die verschillen omgaan. Over gedrag, waarden, spelregels. Mensen werkelijk betrekken, opnemen in de groep, zich thuis laten voelen. Ieders kwaliteiten zien en inzetten. De juiste balans creëren met verschillende individuen.

Voordelen van een divers bestuur en inclusie:

  • Leden van clubs identificeren zich makkelijker met het bestuur. Meer herkenning en draagvlak. 
  • Ieder individu voegt iets anders toe. Een meer divers bestuur heeft meer inzichten/perspectieven, meer expertise, meer creativiteit en een nieuwe dynamiek tot gevolg. Een dergelijk bestuur kan flexibeler reageren op een turbulente en veranderende sportomgeving. 
  • Jongeren, vrouwen, etc. vinden makkelijker hun weg naar bestuursfuncties en houden dit langer vol. De diverse talenten zien en het benutten ervan is van groot belang voor het ontwikkelen en behouden van deze doelgroep.
  • Uit onderzoek is gebleken dat besturen (mannen en vrouwen) zelf vinden dat ze beter functioneren wanneer er ongeveer evenveel mannen als vrouwen in vertegenwoordigd zijn. 

Met elkaar?

Wij vinden het zonde dat nog maar weinig vrouwen actief zijn in besturen en management van sportverenigingen en andere sportorganisaties, maar ook als coaches, scheidsrechters en in andere (top)functies. Wij stimuleren vrouwen om op te staan, willen hen een steuntje in de rug geven en zien graag dat andere vrouwen – en mannen! – dit ook doen.

Wat?

Bestuursleden stimuleren we om binnen hun sportvereniging aan de slag te gaan met diversiteit en inclusie. Ook stimuleren we vrouwen om op te staan en hen een steuntje in de rug te geven. Bestuurders, zowel vrouwen als mannen, kunnen bij ons terecht voor ondersteuning.

Goed voorbeeld doet volgen, dus vrouwen en mannen met een mooi verhaal geven we graag een podium. Via social media- en andere communicatiekanalen agenderen wij het thema diversiteit/vrouwen in de sport. Ook organiseren we twee keer per jaar een bijeenkomst.

Hoe?

De inzet die wij plegen voor het Rotterdams netwerk voor vrouwen in de sport is op vrijwillige basis. Aangezien we budgetneutraal werken, vragen we bij de bijeenkomsten € 10,- entreegeld per deelnemer en vragen we sprekers en partnerorganisaties om net als ons vrijwillig bij te dragen. 
Rotterdam Sportsupport is onze belangrijkste kennis- en sparringpartner en ondersteuner. En niet te vergeten Jessica Helios (Hockeyclub Rotterdam) en Dorinde Hoogsteden (Rotterdam Basketbal). Daarnaast hebben we mogen rekenen op hulp van o.a. het Museum Rotterdam en het Mulier Instituut.
Ook voor samenwerking met andere organisaties, initiatieven en personen staan we open. Graag zelfs! We nodigen geïnteresseerden van harte uit om contact met ons op te nemen.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Maarten Niggebrugge

Maarten Niggebrugge

projectleider Schoolsportvereniging

Robbie van Beers en Stephan Vos van Rotterdam Sportsupport zijn in oktober 2018 gestart met een hagelnieuwe vlogserie. Het duo, omgedoopt tot Robbie & Steef, trainers op dreef, gaat langs bij prominente (Rotterdamse) trainers om praktische tips op te halen en inspiratie op te doen. De video’s, met onder andere Hans Kroon en Peter Ottens, vind je hieronder en zijn een absolute must see voor iedere train(st)er. Elke maand uploaden we hier nieuwe vlog met een bijzondere gast, maar je kunt je ook gewoon abonneren op hun YouTube-kanaal. En schroom vooral niet om vragen te stellen aan het tweetal in een comment!

Aflevering 1 | Introductie
In deze aflevering stellen Robbie en Steef zich voor aan het publiek. Het duo vertelt over de plannen die ze hebben met de vlogserie.

Aflevering 2 | Hans Kroon
De eerste gast is Hans Kroon. De natural bodybuilder, krachttrainingsdeskundige én sportschoolhouder uit Rotterdam-Noord komt met bruikbare tips voor trainers op ieder niveau.

Aflevering 3 | Peter Ottens
Peter Ottens, oprichter/directeur van YETS Foundation, weet als geen ander hoe hij jongeren moet motiveren. Hoe hij dat doet? Kijk dan de vlog!

Aflevering 4 | Eelco Beijl
In aflevering vier, bestaande uit twee delen, gaat het tweetal langs op Papendal bij Eelco Beijl. De assistent-bondscoach van de Nederlandse volleybalvrouwen praat je helemaal bij over onder meer talentherkenning en -ontwikkeling.

Aflevering 5 |
Sander Luiten  Robbie en Steef gaan op bezoek bij Sander Luiten, trainer van PSV Vr1. Hoe is hij hier gekomen? Wat is zo belangrijk in zijn werk? Hoe kunnen we hiervan leren als jeugdtrainer? Kijk mee!

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Ineke Kalkman

Ineke Kalkman

projectleider Veilige sportverenigingen met sterke jeugdafdelingen

De feiten liegen er niet om: één op de acht sporters is slachtoffer van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport. Ook bij jou op de vereniging kan dit dus voorkomen. Voor slachtoffers is het vaak moeilijk om hierover te praten. Maak het onderwerp bespreekbaar en start het gesprek!

Op woensdag 30 oktober organiseren we de informatiebijeenkomst ‘Start to Talk’. Vraag jij je bijvoorbeeld af wat je kunt doen om seksueel overschrijdend gedrag op de club te voorkomen? Of wil je weten wat je kunt doen wanneer er toch iets gebeurt op de club? En hoe zit het nu precies met de meldplicht voor sportbestuurders? Deze avond gaan we in gesprek met diverse experts en krijg je informatie en handvatten om met dit moeilijke thema aan de slag te gaan.

Voor wie: Vertrouwenscontactpersonen en/of bestuurders van Rotterdamse sportverenigingen
Wanneer: Woensdag 30 oktober 2019
Tijd: Start 19.15 uur (inloop 18.45 uur)
Waar: Topsportcentrum Rotterdam | Van Zandvlietplein 20, 3077 AA Rotterdam

Tijdens deze informatiebijeenkomst zijn experts van de volgende organisaties aanwezig: Centrum Veilige Sport, Politie Eenheid Rotterdam Team Zeden, Centrum Seksueel Geweld, Aanpak Seksueel Geweld Rotterdam, Rotterdam Topsport en Rotterdam Sportsupport. Aanmelden kan tot uiterlijk 25 oktober via deze link.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Sandra Sonneveld

Sandra Sonneveld

P&O medewerker

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

René Biemans

René Biemans

verenigingsconsulent Accommodatie

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Antoine Schijf

Antoine Schijf

verenigingsadviseur Schiedam

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Percy Isenia

Percy Isenia

verenigingsconsulent Leden en consulent Toeleiden

Iedere vereniging staat te springen om extra handjes. Nieuwe vrijwilligers worden met open armen binnengehaald en het liefst gister nog ergens ingezet. Toch is het nuttig én verstandig om tijd te stoppen in het ontwikkelen van beleid voor de aanname van nieuwe vrijwilligers. Zeker als de nieuwe vrijwilliger aan de slag wil gaan met jeugdleden of mensen met een beperking. 

 
Wie haal je in huis? 

Nadenken over beleid kost tijd, maar waarom is het voor een vereniging toch nuttig om beleid te ontwikkelen voor de aanname van nieuwe vrijwilligers? Omdat het verstandig is te weten wie je in huis haalt. Dit is zeker het geval wanneer je als club een vrijwilliger aan de slag laat gaan met jeugdleden of mensen met een beperking. 

Heeft de persoon bijvoorbeeld voldoende kennis en kunde om te werken met de betreffende doelgroep? Is hij/zij bereid de visie van de club te volgen op het gebied van een Veilig Sportklimaat? Is hij/zij ook bereid zich verder te ontwikkelen als dat nodig is? Heeft de beoogde vrijwilliger in het verleden iets gedaan waar je als vereniging niet mee geassocieerd wil worden? Kan hij/zij een risico vormen voor je leden? Allemaal vragen die in het kennismakingsgesprek gesteld kunnen worden om een goed beeld te kunnen krijgen van de nieuwe vrijwilliger.   

Vier stappen voor een goed aannamebeleid 

Een aannamebeleid moet goed bij de vereniging passen, voor een kleinschalige familievereniging kan deze er heel anders uit komen te zien dan een grote semi-professionele sportclub. Daarom hieronder vier stappen voor een goed aannamebeleid 

  1. Stel een functieprofiel op. Zo weet je precies welk type persoon je zoekt en welke vaardigheden hij moet bezitten. 
  2. Voer een (sollicitatie-)gesprek. Maak uitgebreid kennis met de kandidaat, stel veel open vragen over waarom hij/zij zich kandidaat stelt voor de betreffende functie. Ga tijdens een gesprek op je (onderbuik)gevoel af. Als het wenselijk is, vraag je de kandidaat om een referentie van de vorige vrijwilligersorganisatie waar hij/zij heeft gewerkt. Download hier een voorbeeld van een gespreksformulier die je kunt gebruiken bij een kennismakingsgesprek met een nieuwe vrijwilliger.
  3. Bespreek de omgangsregels van de vereniging en de gedragscode en laat deze ondertekenen wanneer jullie besluiten een samenwerking aan te gaan. 
  4. Verzoek de potentiële vrijwilliger een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) te overleggen. Het aanvragen van een Verklaring Omtrent het Gedrag is voor verenigingen gratis. Lees hier meer. 

In gesprek blijven 

Ná de aanname blijf je in contact met de vrijwilliger. Voer evaluatiegesprekken met elkaar. Zo blijf je op de hoogte van het functioneren van de vrijwilliger. Gebruik deze momenten ook om de vrijwilliger te bedanken voor zijn/haar inzet en om bij te sturen als dat nodig is. Stopt een samenwerking? Dan kan een exitgesprek beide partijen duidelijkheid geven. Je kunt leermomenten uit dit gesprek gebruiken om het vrijwilligersbeleid van de club aan te scherpen.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Carmen Barranco

Carmen Barranco

projectmedewerker Veilige sportverenigingen met sterkte jeugdafdelingen

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Jokko de Wit

Jokko de Wit

verenigingsconsulent Financiën