Sportverenigingen zijn een afspiegeling van de maatschappij. Diefstal, intimidatie, vernielingen, pesten, buitensporig gedrag en vechtpartijen kunnen hier bijvoorbeeld ook voorkomen.

Het is belangrijk om het incident ‘klein te houden’. Probeer bijvoorbeeld te vermijden dat iemand onder de leden bekend komt te staan als schuldige, terwijl er geen bewijs voor is. En voorkom dat je in een emotionele oprisping een lid royeert zonder dat diens betrokkenheid is aangetoond. Hieronder lees je over situaties uit de praktijk. Daarna worden de verhalen samengevat in korte tips.

Voorkom ‘eigen rechter spelen’
‘De dure jas van mijn zoon is gestolen. Ik eis dat jullie mij de camerabeelden geven, zodat ik kan zien wie de jas heeft gepikt bij de kapstok in de kantine.’ Dat krijgt een verenigingsbestuur te horen van een vader. Het antwoord is een vriendelijk ‘nee’. Het bestuur adviseert de gedupeerde politieaangifte te doen. Als het tot een zaak komt en de officier van justitie de camerabeelden opvraagt, zal de vereniging deze aan justitie en/of politie overhandigen.

Op deze manier voorkomt de club dat mensen eigen rechter gaan spelen. Stel, het bestuur geeft camerabeelden aan een slachtoffer, diens vriend of familielid. En stel, uit de beelden wordt duidelijk wie de jas heeft gestolen of wie bijvoorbeeld een scooter heeft vernield. Grote kans dat het vervolgens tot een confrontatie komt, met alle gevolgen van dien. De vereniging heeft de plicht de vermeende dader hiertegen te beschermen.

Geruisloze terugkeer na detentie
Een jeugdlid zit in detentie. Waar de jongere bij de club weleens kleine spullen had vernield, zonder dat dit had geleid tot een royement, daar blijkt het jeugdlid zich elders in de wijk schuldig te hebben gemaakt aan ernstige vormen van vandalisme. De ouders van het jeugdlid brengen de voorzitter van de vereniging op de hoogte. Zowel zij als de club willen graag dat het jeugdlid na de detentie weer kan sporten bij de club. Het jeugdlid zelf heeft ook die ambitie. Daarom wordt besloten zo weinig mogelijk mensen binnen de vereniging te vertellen over de detentie. Alleen de trainer wordt ingelicht. Het jeugdlid kan hierdoor zonder stigma terugkeren.

Zorg ervoor dat een verhaal niet een eigen leven gaat leiden
Een vrijwilliger van de ledenadministratie heeft een bankpas gevonden na afloop van de inschrijfavond. Op de eerstvolgende wedstrijddag meldt een moeder zich in de commissiekamer. Zij vraagt of haar bankpas is gevonden. Eén van de vrijwilligers vraagt de vrouw om haar legitimatie. Hij heeft de bankpas in zijn bezit en wil kunnen controleren of het haar pas is. De vrouw laat haar legitimatie zien, waarop de vrijwilliger zegt: ‘De volgende keer neem ik je wel mee uit eten’. Grappend zegt hij als dank drie zoenen te verwachten. De vrouw reageert erg geschrokken en gaat meteen naar het bestuur.

Het bestuur luistert naar het verhaal van de vrouw. Onmiddellijk wordt de vrijwilliger op het matje geroepen. Een gesprek achter gesloten deuren volgt. De vrijwilliger krijgt te horen dat hij voor vandaag naar huis kan. Even later aan de bar, tijdens het drinken van een biertje, bespreekt één van de bestuursleden dit verhaal met oud-bestuursleden. Het verhaal blijft daar niet, maar gaat verder de vereniging in en wordt opgeblazen. De vrijwilliger zou de vrouw hebben betast en een oneervol voorstel hebben gedaan om de bankpas terug te krijgen. De gevolgen zijn negatief voor beide partijen. De vrijwilliger wordt beschuldigd van iets wat hij niet heeft gedaan, waardoor hij ook niet meer kan terugkeren naar de vereniging. En de vrouw voelt zich na deze gebeurtenis onprettig bij de club, heeft weinig vertrouwen in het bestuur en zal in het vervolg niet snel meer een melding doen.

Tips: hoe houd je gebeurtenissen ‘klein’ binnen je vereniging?

  • Stel een Waarden- en Normencommissie (of gedragscommissie) samen en benoem een Vertrouwenscontactpersoon (VCP).
  • Kom als bestuur niet te snel tot een oordeel. Laat je eerst informeren en adviseren door de Waarden- en Normencommissie en/of de VCP. Die pakken het onderzoek op en zorgen voor hoor en wederhoor.
  • Zorg dat de procedures binnen de club helder zijn. Wat te doen bij bijvoorbeeld diefstal, intimidatie of geweld? Wie schakel je op welk moment in? Wie is bevoegd sancties op te leggen? Wanneer schakel je politie in?
  • Kies zorgvuldig met wie je informatie deelt. Weet welke partijen je kunt inschakelen voor advies.
  • Wees voorbereid op wat je moet doen wanneer de gebeurtenis toch ‘groter wordt’ en er onrust bij ouders ontstaat of zelfs media zich melden bij de club..
  • Laat je goed adviseren en probeer een balans te vinden tussen feiten en gevoel.
  • Spreek mensen aan die uit zijn op sensatie en de verhalen aandikken en rondbazuinen.

Wees je er als bestuur bewust van dat:

  • je geen oordeel kunt hebben over een incident of situatie, tenzij je ooggetuige bent;
  • je mensen kunt maken of breken. Je breekt ze mogelijk door overhaast beslissingen te nemen of je te laten leiden door vooroordelen.. Ga dus zorgvuldig te werk.

Ondersteuning
De adviseurs van Rotterdam Sportsupport kunnen verenigingen ondersteunen op verschillende vlakken. Voorbeelden: het oprichten van een waarden- en normencommissie, het opzetten van interne processen, adviseren over crisiscommunicatie, bijscholing voor de VCP, verbinding met jeugdhulpverlening of andere zorgpartijen. Neem hiervoor contact op met de accounthouder van je vereniging.

Meer weten?

Via de thema’s vind je hoe we jouw club kunnen helpen. De thema’s in combinatie met de veelgestelde vragen zorgen ervoor dat je snel antwoord krijgt op jouw vraag. Neem bij interesse en andere hulpvragen contact op met de gebiedsconsulent van jouw vereniging. De gebiedsconsulent of expertconsulent lost samen met jou de hulpvraag op.

Wij staan voor je klaar!

Jelmer Knossen

Jelmer Knossen

projectcoördinator Schoolsportvereniging